woensdag 27 februari 2019

Loop mee: 2 meter boven zeeniveau





Op wat wel de warmste dag in februari ooit zal zijn, fiets ik naar het strand. Dansen op de vulkaan, maar beter dansen dan huilen,zegt iemand onderweg. De winter had weinig om het lijf en de lente lijkt overgeslagen.

Op de heenweg rijd ik via het park naar het strand. Op de terugweg kom ik aan de andere kant de buurt in. Het laatste stukje langs een nieuwe woonwijk in een gebied dat ruim een eeuw lang haven was. 


De school aan de dijk (die de bescherming tegen het zoute IJ bood), is kortgelden bij een verbouwing een stuk naar achteren geplaatst. Dat is beleid op de middellange termijn. Als ook de woningen van eind 19e eeuw na 150-170 jaar tegen de vlakte gaan, kan de rooilijn naar achteren en de weg over de dijk verbreed worden. Ze is immers niet voor niets deel van het hoofdautonet van Amsterdam.

Een nieuwe stadswijk is ruimtelijke ordeningsbeleid op de lange termijn:150 jaar toch minimaal. Zou je denken. Steeds vaker hoor je dat de inrichting van dit land sterk zal veranderen. Er zit een grens aan de mogelijkheden om het zeewater buiten te houden. Komt het niet over de duinen, dan er wel onderdoor.

Die nieuwe wijk ligt maar een meter boven zeeniveau. Ik vraag me af welke speciale klimaat bestendige zaken in de ontwerpen van de woningen langs het water zijn aangebracht. Nog los van de vraag hoe men Amsterdam op nog iets langere termijn gaat vrijwaren van het oprukkende water.

“Huizenprijzen zouden mogelijk dalen, en de hele economie kan onder druk komen te staan,” stelde Lotte de Boer al in 2012
op Kennislink. Ze schrijft over de ernstige gevolgen van klimaatverandering die op zullen treden als we met de te grote voeten niet op onze schreden terugkeren.

En de politiek? Ach die komt pas in beweging als de schade zichtbaar wordt. Te laat dus, aldus De Boer. We hebben nog 11 jaar om het tij te keren, hoorde ik onlangs, daarna gaat het klimaat ons keren. De bewoners in die nieuwe wijk zullen het wel uitzingen en de kleinkinderen van hun kinderen verhuizen naar achter de Grebbelinie of verder en ontspringen de dans … of niet … en wat dan?

Dan? Dan vangen mijn achterkleinkinderen van mijn balkonnetje - op 9 meter hoogte - scholletjes in de binnentuin en nemen de waterfiets voor familiebezoek. In zee zwemmen kan dan iedere dag, zomer en winter. O ja alle irreële toekomstprojecties op een stokje:
 

Loop zondag 10 maart mee, als het effe kan, 13.00 verzamelen op de Dam, nog 2 meter boven zeeniveau. Doe dat ook als je niet meer in de zin ervan gelooft om hen die dat wel doen een riem onder het hart te steken.













Iedere woensdagmiddag fiets ik naar het strand, neem een duik en fiets weer terug. Op Facebook plaats ik later vrijwel altijd een aantal foto's. Eén of meer daarvan plaats ik hier.

allemaal buisjes

Foto gemaakt: 27 februari 2014

dinsdag 26 februari 2019

zaterdag 23 februari 2019

donderdag 21 februari 2019

speenkruid

Foto gemaakt: 21 februari 2012






Andere foto's  gemaakt: 21 februari 2020

Bananenschil




Tijdens het rennen tegen de Nesciobrug op zie ik een oude kale grijze man met dunne beentjes die uit zijn halflange kortebroek steken. Zo'n zielig figuur. Hij gooit met een wijdgebaar iets, vermoedelijk een bananenschil, over de reling. , roep ik. Hij reageert met schouderophalen en verder niets. Zou toch beter moeten weten op zijn leeftijd.

In het Aardrijkskunde boek van mijn zoon staat dat die schillen er drie jaar over doen om te verteren. Ze proberen de jongeren op school verantwoordelijkheid voor hun omgeving bij te brengen, maar dan komt er zo'n man op leeftijd langs en die doet alsof het niet zijn wereld is, 'n wereld waar hij om moet geven.

Ach laat ik me niet druk maken. Ik ren om de wereld juist van me af te schudden. Deze week was weer druk met informatie geven over de rol van landbouw en vlieg- en autoverkeer bij klimaatverandering. Mijn collega, die over pasticvervuiling gaat, heeft het gemakkelijk die haalt 5 plasticzakken uit een maag en iedereen gaat huiveren. Hoewel makkelijk, die ingeslikte ballonnen moeten kunnen, die geven een feest een fleurig randje.

***

Tijdens het naar boven fietsen op de Nesciobrug eet ik snel een banaan op. De schil gaat over de reling het Amsterdam-Rijnkanaal in. Iemand roept boos , maar er zijn vast kreeftjes, vissen of krabbetjes die zich ermee voeden. Bovendien hij was al half zwart. Deze gaat effies niet in mijn rode Ortliebmandje voorop. De volgende schillen gaan wel mee als ik niet meer zo'n mooie plek tegenkom om ze weg te gooien.

Er zijn mensen die flikkeren hun bananen gewoon op de weg. Oud vrouwtje: flatsssss, gebroken heup, en mantelzorg voor dochter die toch al altijd alles moet doen. De schillen doen er een paar weken over om te verteren op de weg (en geen drie jaar, dat is alleen een waarheid, omdat hij zo vaak herhaald wordt), maar het staat ook zo lelijk en vies. Afbreekbaar zijn ze, maar zwerfafval zijn ze ook.

Het was vast goed bedoeld, maar zou ik langs de kant van de autoweg gaan staan en hetzelfde roepen tegen de geluidsoverlast en CO2 uitstoot, men zou het niet eens horen. Zou ik op de bulderbaan gaan staan, idem dito met een sterretje. Als ik plastic raap op het strand voel ik me een naïeve zonderling. Die bananenschil slorpt veel water op en valt daarom onderwater nog sneller uiteen dan op land.

woensdag 20 februari 2019

mijnenveld

De eerste zandkastelen op het strand: twee kleintjes. Het lijkt wel zomer, maar de zuidwester en het zeewater zijn nog koud. Als ik het strand verlaat spoelen de golven ze al weer weg.

Voor ik vertrek lees ik een artikel over de politierel in de Amsterdamse Raad. Het maakt me nieuwsgierig en ik kijk naar 'het debat'. Veel gedachten speelden door mijn hoofd. De woorden die ik er daarna over schreef heb ik weg gegooid. Als je door een mijnenveld wilt lopen kan je dat beter niet in een snelle tekst doen, maar je woorden wegen in een gedegen stuk om sommige te ruimen en andere mijnen te omzeilen. Dat kost me te veel tijd en ik weet niet wat de baten ervan zullen zijn.

Er zijn mensen die menen dat voetbal een metafoor voor het leven is. Wat mij betreft is het fietsen. Net als in het echte leven moet je soms remmen en dan is het zaak weer zo snel mogelijk verder te gaan. En zo zijn er wel meer vergelijkingen. Met dit weer is dat geen straf.

De afgelopen weken zette ik een gedichtje tussen de foto's. Dat doe ik nu weer. Er zitten er nog steeds een in mijn computer. Het wordt put.

 


klik voor grotere versie



Iedere woensdagmiddag fiets ik naar het strand, neem een duik en fiets weer terug. Op Facebook plaats ik later vrijwel altijd een aantal foto's. Eén of meer daarvan plaats ik hier.

Primula's op dijk

Foto gemaakt: 20 februari 2018

maandag 18 februari 2019

balkon in 't vroege voorjaar

Foto gemaakt: 18 februari 2018

Foto gemaakt: 18 februari 2018

 Foto gemaakt: 18 februari 2018

vrijdag 15 februari 2019

woensdag 13 februari 2019

Lente


Op het strand maak ik gewoon foto's, omdat het mag. In het zwembad moet ik voor een foto van een spiegeling in een ruit eerst toestemming vragen aan het management (zoals dit tegenwoordig deftig heet). Dan wordt het een onderneming en hoeft het al niet meer.

Het is trappen om vooruit te komen in deze wereld. Peddelen als het kan en stoempen als het moet. Bij het zwemmen de brede trap van de schoolslag. Het trappelen van de borstcrawl laat ik aan anderen. Wel af-en-toe van me afbijten als mensen denken dat banenzwemmen een contact sport is.

Tijdens de ronde van Valencia bloeide langs de kant van de weg de amandelbloesem zag ik op TV. Ook hier al bloesem onderweg (goed kijken op de foto) en het lente zonnetje, en 5 km om omdat de Zeeweg voor fietsers dicht is. Maar dat is niet erg met dit weer.

Tussen slapen en waken droom ik dat mijn benen en armen worden weggehaald. Erg vind ik het dan niet. Op de fiets maakt het me minder vrolijk. Een ander droomt dat ik onbetrouwbaar ben en sadistisch, dat schrijnt meer. 

De afgelopen weken zette ik een gedichtje tussen de foto's. Dat doe ik nu weer. Er zitten er nog steeds twee in mijn computer. Het wordt gewoon geworden

Vandaag las ik bijvoorbeeld dat iemand van de wapenreus Thales denkt dat de auto's binnenkort uit de steden gaan verdwijnen.Dat wil ik ook. Toch is dit wel anders.

"Er is wel regie nodig voor al die data en al die partijen die vervoer aanbieden. Moeten we die aan de markt overlaten of aan de overheid?" vraagt de journalist.

"Het moet een combinatie zijn," zegt de specialist mobiliteit van Thales.

En de burger die is data en klant. Ook in de lente. Vervoer moet efficiënter, niet minder.






Iedere woensdagmiddag fiets ik naar het strand, neem een duik en fiets weer terug. Op Facebook plaats ik later vrijwel altijd een aantal foto's. Eén of meer daarvan plaats ik hier.