woensdag 2 september 2026

Prettig

De laatste keer was ik blij dat ik er was. Iets te veel omhoog, een beetje teveel kracht, krakkkchchkk. Nu zit er weer een nieuwe cassette op de fiets, evenals een voortandwiel en ketting. Kan ik weer trappen. Moest me er wel toe zetten. Maar ergens zat nog een restje spirit verstopt.

Aan het strand was het rustig. Het water is op zijn warmst (boven de 20 ºC). Weinig kwallen, niet veel honden en een beetje golven. Onderweg zag ik al hooglanders en koniks in het Geuzenbos. In de duinen lagen de rode koeien langs en over het pad en even verder liep wat moeilijk een konikpaard over het pad, de rest van de kudde liep in de duinvallei.

Het einde van straat werd afgesloten door cruiseschip Ventura. Welke voorspoed de meest vieze manier van vakantie brengt. Geen idee. Het is altijd wel weer overdonderend als zo'n torenflat voorbij vaar. Laat ik niet klagen. De zee was prettig om in te zwemmen.


maandag 31 augustus 2026

Het leven is vurrukkulluk

Het leven is vurrukkulluk (1961) van Remco Campert is een klassieker uit de Nederlandse literatuur. De feestelijke titel is vast een deel van de verklaring voor het succes. Het is daarbij eigenzinnig en kraaiend van plezier geschreven.

In de korte roman worden meer woorden dan alleen vurrukkulluk door de taalvervormer van de Leidsepleinvrijheid gehaald. Zoals 'seksjuwelen verkeer,' 'nijslollie,' 'giegullen' en 'Marie-Johanna roken'. Het is een melig trucje dat net niet gaat vervelen.

Dat Amsterdamse plein duikt in mijn brein op aangezien ik de schrijver meteen zie zitten in café Reynders (met Bert Schierbeek en Lucebert) als Clare Lennart de zogenaamde experimentelen komt interviewen voor het
boekenweekgeschenk van 1955. Dat interview ademt de sfeer die ook het vurrukkullukke leven een paar jaar later zal oproepen.

Het zijn drie jonge mensen die de belangrijkste stemmen zijn in het boek: Mees, Boelie en Panda. Ze plukken de dag en doen niet moeilijk. Het leven is er om rijk te zijn en van drank en seks te genieten; al het andere is franje. Het is geschreven in een eigen taal, die vloeiend en vlot van de pagina's rolt.

De pretentie is om goed te leven, verder moet je alles niet te zwaar nemen en de moraliteit moet niet in de weg staan van een goed feest, als het nodig is mep je darvoor zelfs een oude haveloze man neer. Aan een oudere vrouw met een jongen man in een bed op een zolderkamertje wordt voorbij gegaan alsof het niets is. Ze liggen er, maar doen er verder niet toe. Als het raam maar open kan om er hangende aan een paraplu uit te springen om in de tuin te landen. Zo luchtig is het leven.

In de
Nederland leest (2011) uitgave die ik lees mag Ronald Giphart als het kind dat van ballonnen houdt opschrijven dat het een van de beste boeken is die hij kent. Is dat lege reclamepraat of meent hij dit werkelijk? (Dit wordt de derde keer dat ik schrijver Giphart betwijfel op dit blog.) Wat frisse lucht was goed in het muffe Nederland. Maar beste? Wel plezierig leesbaar. Dat is wat waard.

vrijdag 28 augustus 2026

Atlas van in nevelen gehulde continenten

 



Atlas van in nevelen gehulde continenten is een boek geschreven door de Turkse succesauteur Ihsan Oktay Anar. Het was zijn debuut dat werd gepubliceerd in 1995. Dertig jaar later verscheen de 85e druk. Het is vertaald in vele talen, waaronder het Arabisch, Azerbeidzjaans, Bulgaars, Duits, Frans, Hongaars, Koreaans en Zweeds, maar opmerkelijk, maar onduidelijk waarom, niet in het Engels. De roman is een hit. Sinds eind vorig jaar is er ook een Nederlandse vertaling.

Vertaalster Veronica Divendal heeft zich uitgeleefd op de Atlas
van.... Haar aanpak zet ze uiteen in een zestien pagina's lang nawoord dat ook informatief is met betrekking tot schrijver en roman. Deze tekst wordt gevolgd door 13 pagina's aantekeningen bij in de tekst genoemde liedjes, boeken, personen e.d.; een soort voetnoten als verstopt toetje, een verrassing tot slot. Toch hadden ze beter in de tekst aangegeven kunnen worden.
    Zowel nawoord als lijst zijn – zeker samen – een mooie aanvulling op een fantastisch verhaal. Bij de vraag of ik het nawoord liever vooraf had willen lezen als informatie bij de tekst, of dat ik tevreden ben dat ik eerst mijn eigen mening heb kunnen vormen, neig ik toch naar het tweede.

Je stapt meteen het 17e-eeuwse Istanboel binnen, destijds nog Konstantiniye genoemd. In de voor- en achterkaft binnen staat een kaart van die stad.* Konstantiniye is de naam die in het boek gebruikt wordt. Door de straten van die oude stad aan de Gouden Hoorn lopen opvallende personages. Kort door de bocht zijn ze te vatten onder de categorieën: stads- en zeeschuimers, excentrieke wetenschappers, overheids beambten, ondernemers, tragische pechvogels en dromers. Dat dromen levert in nevelen gehulde verhalen op. De wetenschap een atlas of een anatomisch handboek. Als die twee samen komen ontstaat de op dromen gebouwde atlas die weergeeft wat de geest ziet op zijn reis over de wereld en aanwijzingen geeft om verder te komen.

Ook enkele personages vallen onder verschillende noemers. Er is bijvoorbeeld het hoofd van de Rijksinlichtingendienst, de ongenaakbare Ebrehe. Hij is tweede man onder de sultan, alchemist, uitvinder, homoseksueel, inhalig en keihard; hij martelt en vernederd. Ebrehe haalt de hoofdpersoon, dat is de jonge Bünyamin, zijn invloedssfeer binnen om hem beter te kunnen volgen en wordt, getroffen door zijn ongegeneerde meningen, verliefd op hem. De jongen blijkt echter voor het meisje Aglaya te vallen.

De belangrijke rol die de Geheime dienst speelt in het boek meende ik te moeten begrijpen als een verhulde literaire kritiek op het repressie apparaat van de Turkse Staat. De dienst is in de
Atlas van... vooral uit op het verwerven van macht en invloed en vernielt het leven van derden, soms zelfs willekeurig, omdat het kan. Een van de doelwitten is Lange Ihsan: filosoof, maker van de atlas van in nevelen gehulde continenten, de vader van Bünyamin en een personage dat grote overeenkomsten met de schrijver vertoont. Lange Ihsan heeft zich echter niet laten slopen en stoppen door het uitsteken van zijn ogen, en het afsnijden van zijn oren.
     De Dienst grondt zijn inzet op een soort bijgeloof en mechanische abacadabra waarover Erbrehe bovendien ook nog eens quasidiepzinnig kakelt met een soort jeugdige fascinatie voor techniek. Dat dit bijgeloof gedeeltelijk aangewakkerd werd door een buitenlandse mogendheid door middel van een ingenieus mechaniek, doet er dan niet eens toe. Hybride oorlgosvoering avant la lettre.
      Maar voor de heimelijke kritiek heb ik geen feitelijke aanleiding in het boek gevonden en ook geen externe bronnen.

Het boek leest als een sprookje, als een boek vol knap aan elkaar geknoopte verhalen. Een kinderboek? De hardheid erin mag kinderen bespaard worden. Is het een boek dat de ideeën van René Descartes (hier Rendèkâr) onder de loep neemt: ik denk dus ik ben? Ook. Wat het zeker is, is een boek dat je voor zou willen lezen, zoals aan jongeren in de onderbouw van de middelbare school. Het is bovendien een vertelling waarin vele verhalen geknoopt zijn, een verhaalvorm die meer voorkomt in het Nabije Oosten.

Lange Ihsan is duidelijk in zijn visie op geloof en wetenschap. Het idee van Rendèkâr vond hij onvoldoende. Op grond van de aanname 'Ik denk dus ik ben' kan een mens alleen zijn eigen bestaan vaststellen. Hij besluit de betekenis ervan verder uit te zoeken in een droom. Daar komt hij op de gedachte: 'Ik droom dus ik ben. Ik ben, maar wie ben ik?' Het is het begin van een hele nieuwe visie op de wereld, zijn rol erin, en op wat er nog meer is. De anderen bestaan immers ook, omdat Ihsan hen bedenkt en eveneens de wereld waarin ze leven is er met dank aan zijn verbeelding. Ze bestaan bij gratie van zijn gedachten.
     De vertaalster wijst erop dat de visie van de schrijver en Lange Ihsan overeenkomen als Anar in een zeldzaam interview stelt: “(...) Ik zelf verkies wetenschap, kennis, boven geloven.” Over de botsing van wetenschap versus geloof gaat ook het boek, naast dat het over het wezen van de mens gaat, over inhaligheid, en autoriteit versus vrije keuze. Deze thema's zijn volgens de vertaalster verpakt “in een concreet menselijk, avontuurlijk en sprookjesachtig verhaal.”


Verderop in het nawoord schrijft ze: 
“Met een mengeling van sprookjes en werkelijkheid schiep Anar in zijn Atlas van in nevelen gehulde continenten een universum waarin het voor de lezer goed toeven is. Herkenbare situaties, gevoelen en menselijke zaken zoals list en bedrog, liefde en geld, droom en voorspelling, wetenschap en kennis, macht en vrijheid, angst en dapperheid passeren de revue.”
Het valt niet zwaar er nog een aantal thema's aan toe te voegen, zoals lust tegenover liefde, vader en zoon, brallen versus bescheidenheid, zelfspot en bekrompenheid, orde en verzet, en de vraag of fantasie en werkelijkheid wel een tegenstelling zijn. Het nawoord door de vertaalster is een loflied op het boek door iemand die er blijkbaar vanaf de hoge duikplank ingedoken is en de sprookjes, de gedachten heeft opgepakt, bekeken, verteerd, vertaald en opgeschreven in het Nederlands. Het boek zelf wordt mooier als je ook haar toegevoegde teksten leest.

Noot:
* Helaas is in de bibliotheek versie de legende bij de kaart van de stad gebruikt om daarover de titelbeschrijving te plakken. Achterin sneuvelde een stuk Stambul onder een streepjescode. Administratief is het te begrijpen, maar het straalt weinig respect van de OBA uit voor hoe het boek door de bezorgd is.

dinsdag 25 augustus 2026

Twee weken kamperen (10-24 augustus)

Begin bij Voorst. Dan door naar Winterswijk. Tenslotte naar Kootwijk. Elk met een kleine, maar verschillende camping. Op de eerste keken we met veel kampeerders samen naar de eclips; wat de zonsverduistering tot een speciaal sociaal evenement maakte. Opvallend was dat er op die camping ook een kist met achtergelaten gebruiksvoorwerpen en spellen stond, evenals een mand voor dito schoonmaak, douche spullen en kookgerei. Daar kon je uit halen wat je nodig had.       Opmerkelijk was ook het effect van de brand bij de Van Gelderpapierfabriek in Eerbeek. Het regende urenlang schilfers papier en soms zelfs grotere stuken, zoals dit hieronder met een godsdienstwaanzinnige tekst. Alles bij elkaar kreeg het wel wat van een live opvoering van het psychedelische bijbelboek Openbaringen.

In Winterswijk werden we op een hete dag onder de boom op een stukje privé terrein gezet en kreeg ik na mijn warme fietstocht bij aankomst een koud glas fris. Er heerste een fijne sfeer. In Kootwijk stonden we midden in een prachtig stukje Veluwe. 

Alle drie waren ze zonder toeters en bellen. Alle drie prettig. We bezochten Zutphen, we fietsten door de omgeving, zagen een dubbele watermolen, wandelden en bezochten een verjaarsfeest in de buurt.
Pas op de terugweg zie ik groot wild. Vijf herten steken vlak voor me het fietspad over dat door een militair oefengebied loopt.
     Overal rond Kootwijk zijn de sporen van wroetende zwijnen te zien en menigeen op de camping heeft een rotte gezien, veelal met een tiental gestreepte jongen.  Op de camping vertelt een vrouw dat ze 's nachts wakker was gemaakt door haar man om door de infraroodcamera naar de everzwijnen te kijken die vlak langs het hek van de camping aan het graven en wroeten waren.

Vakantie is business
Dat brengt me meteen op een volgend thema uit deze vakantie. Vakantie is business. Kamperen zonder nachtzichtapparatuur? Onmogelijk. Dan zie je een deel ervan immers niet veel, alleen de sterren aan de hemel.
     Je ziet de commercie ook aan de kampeerbusjes en campers die de tenten eruit concurreren. De ene waarvan er een paar stonden - en waarvan we de prijs opzochten - kost zo'n €60.000. Vakantie het mag wat kosten. 
     In de winkel waar ik een campingaz tankje ging kopen leek het in opzet wel een IKEA, inclusief restaurant. Wel
72.500 m2 kampeer 'benodigdheden', leuk voor een dagje uit met het hele gezin. Er was een afdeling vloermatten, een deel met alleen voortenten, een grote afdeling met sportieve kledij, en tenten te kust en te keur, van mega bungalowtenten en tenten voor op het dak van je Land Rover tot douche- en trekkerstentjes. Eigenlijk was alles er wat je wel en niet nodig kan hebben, inclusief lichtgewicht lijmklemmen. En ja ook het blikje dat ik zocht.
     Je zou er bijna een hekel aan kamperen krijgen als je geen melkkoe wil zijn. 

Graven, vlinders en bloemen


Bij Winterswijk zijn twee groeves waar 245 miljoen jaar oude kalk wordt en werd afgegraven. Deze gaat in asfalt voor landingsbanen. Het verbaast me altijd dat dit zomaar kan: stukken uit de aarde halen die er al zo lang liggen. Dat is misschien een vreemd sentiment. Het overgrote deel van de elementen op aarde zijn immers veel ouder dan de mens en al aanwezig sinds het ontstaan. Vaak worden bij de extractie wonden in de aarde geslagen en heeft het negatieve vervuilende consequenties. Maar hoeveel schade wordt veroorzaakt voor welk doel is niet beantwoord door de blik op de effecten alleen; dat is geen kosten baten analyse, al doet het grote gat pijn aan de ogen. Maak de weging zelf.


Hier in Winterswijk haalt men wel eens een bijzonder fossiel uit de groeve. Die onderstrepen de leeftijd van de lagen.
     In de oude, stilgelegde mijn leeft inmiddels een Oehoe. Die was er niet of onzichtbaar, nadat ik dus ook geen evers zag tijdens de vakantie. Wel waren er vlinders, niet alleen de nachtvlinders in de WC-gebouwtjes, maar ook een gehakkelde aurelia, blauwtjes (die weer niet lang genoeg stil wilden zitten, zodat ik niet weet welke) en zelfs een kolibrievlinder en bij toeval een daimio (maar dat zag ik thuis pas op de foto).

 Op de camping bij Huppel in de gemeente Winterswijk zat die kolibrievlinder in het bloemenparadijs dat daar door een gast is gecreëerd. Het is alsof je zo de tropen instapt, zeker op een hete dag als bij arriveren. Van trompetboombloemen, via muntsoorten naar de reuze bloemen van de hibiscus XL, de verfijnde blauwe engelentrompet, mandeville etc.
    De vakantie begon met een foto van de kikkerbeet in de sloot bij het stoomgemaal van Putten. Maar er kwamen o.a. wilde gagel, korenbloem, en klokjesgentiaan bij.

Flamingo en water



Wat dieren betreft had ik me verheugd op de flamingo's van het net over de grens gelegen Zwillbrocker Ven. We zagen er maar één en die liep door de smalle strook water in wat was overgebleven aan nattighheid. Was de rest van de roze vogels al vertrokken naar de mildere Grevelingen en was dit een oude vogel die de reis niet meer kon maken? Of waren de andere vogels op zoek gegaan naar een plek waar wel voldoende water en eten was (ook voor de dit jaar geboren zestien jongen)? Ik vond het maar een verdrietig beeld, maar de reden voor de geringe aanwezigheid vond ik ook online niet.
     Ernaast stond de de mais hoog op het veld en was het gras groen. Waarvoor je het water gebruikt is een politieke beslissing, zeker in tijden van schaarste.


Boer, voer, vlees en melk
Voor koeienvoer was er indirect dus wel genoeg water beschikbaar. Want dat viel op. De meeste grond staat vol mais of gras (ook pal naast het ven), hier en daar wat aardappels, soms wat bieten (maar dat kunnen ook voederbieten zijn) en een beetje graan dat al was gedorst. Als er niet meer voor vlees en melk wordt geteeld dan komt er heel wat ruimte vrij. Nog een lange weg.
     Er waren nu nog wegen aan twee kanten omgeven met muren van het hoge mais. Effect engelse landweg met heggen, waar je ook geen uitzicht hebt? Nee. Daarin zitten bloemen en bessen en dus insecten en vogels, hierin vrijwel alleen halmen. Bij het oogsten gaan die meteen door de hakselaar, vervolgens de kuil in met wat inkuilverbeteraar en klaar is de hap voor de runderen. 
De boer was thema deze vakantie. Zelfs als je geen kranten koopt en het nieuws het nieuws laat kwam je er niet onderuit. Omgedraaide vlaggen in weilanden langs wegen en boven spandoeken. Overal uit de duim gezogen bijdragen van de boer aan ons welzijn, onze natuur en ons eten en een pleidooi voor het boerenbedrijf boven natuur maatregelen. De geëtaleerde domheid kent geen grens (zie hieronder). Het Nederlandse platteland heeft Red Neck allures. Naast die spandoeken dan vaak grote stallen, mooie huizen en een aantal auto's op het erf. Bij Putten zag ik zelfs een omgekeerde vlag in een bordje van een makelaar bij een verkochte boerderij.Het beleid kan vast duidelijker dan nu met uitstel op uitstel; compensatie kan beter geregeld worden; uitkoop krachtiger aangepakt; maar als je dit jaar nog niet ziet dat het klimaat, de natuur en het milieu een helpende hand nodig hebben dan ben je asociaal op jezelf gericht. Dan mis je ook dat je leeft in een land waar lang niet alles goed gaat, maar ook niet zo slecht als het boerenverstand ons wil doen geloven, zet je bedrijfsmiddelen in voor militante actie voor het directe eigenbelang met lak aan de natuur (hoe hard je ook hettegendeel beweerd) en wordt je aangestuurd door de agrobusiness (die uiteindelijk alleen een boodschap heeft aan de boer als die geld opbrengt). De overheid papt en houdt nat ook als er daarvoor geen water is.

De roman De Witte Burcht van Orhan Pamuk ging mee op deze vakantie. Op de eerste pagina merkte ik op hem te kennen en inderdaad schreef ik er al eens over; de titel was me alleen ontschoten.
In de tent zag ik een kever. Het was de fraaie colorado kever, genoemd naar een staat waardoor de Corn belt loopt (zo kan je overal verbanden zien), maar wordt vooral gevreesd door aardappelboeren.

Op de terugweg bloeit de kikkerbeet nog steeds bij het Putter Stroomgemaal.