Als de titel Specht en zoon (2004) – dat is geschreven door Jan Willem Otten – de lading van het boek dekt dan gaat het over de puissant rijke vastgoedmakelaar Valéry Specht die een schilderij van zijn zogenaamde aangenomen zwarte zoon wil laten maken.
Het overgrote deel van het verhaal speelt echter in het atelier van de portretschilder Felix Vincent dat gevestigd is in het huis Nimmerdor,* gelegen in het gebied tussen Oud-Valkenveen en Huizen. Niet ver van Laren. Je kan er de lampjes van Almere aan de overkant van het Gooimeer zien flikkeren. Vincent is een gevierd schilder die pietje precies portreteert. Hij wordt vader van een zoon.
Kort nadat de schilder is geïnterviewd voor een glossy door journaliste Minke Dupuis krijgt hij bezoek van Specht die een flink bedrag biedt voor het schilderen van zijn geadopteerde zoon Singer. Hij nam die mee uit een oorlogsgebied in West-Afrika. Nu is hij dood. Een portret zou hem weer leven inblazen, meent Specht.
Felix staat niet te springen hij schildert het leven, maar het geboden honorarium maakt veel goed en brengt vooral de wens om Nimmerdor aan te kopen sneller dichterbij. Op grond van videobeelden, verhalen en een polaroid begint hij te schilderen.
Singer is zwart, mist een duim en is geschapen met een dopje. Zo'n geslacht had ook Tijn, de jeugdvriend van Felix die hij uit het oog verloor. Terugdenken aan die vriend geeft hem de verbeelding die nodig is om van een dood model een levend portret te maken. Maar daardoor gaat ook Tijn voor hem weer leven. Het portret werd zo dubbelop een werk voor mensen die iemand verloren zijn.
Minke blijkt meer dan een journaliste. Dat valt verrassend plotsklaps uit de lucht. Ook Specht vertelt in eerste instantie maar een deel van het verhaal. Het luxe schilderdoek waarop Singer wordt geschilderd is dan weer meer dan alleen een denkend en tegen zichzelf pratend Zeer Dicht Geweven Vier Maal Universeel Gepareerd stuk gesneden van een twee meter brede rol. Het doek gaat zich identificeren met de geportretteerde.
Felix zijn vrouw bevalt in het ziekenhuis in een situatie waarin dit nauwelijks past. De schilder heeft naast zijn relatie met Lidewij Langebeen porno en buitenechtelijke seks nodig voor het bevredigen van zijn lust. Singer steekt een spaak in dit wiel.
Dat het niet goed zal aflopen, wordt al snel duidelijk in de roman. Dat de relaties tussen de personages meer om het lijf hebben dan in het begin geschetst (het in het begin weglaten daarvan komt zeker rond Dupuis wat verwrongen over) en de goedgelovigheid van de schilder maken pas later stap voor stap duidelijk hoe de verwikkelingen rond Singer op hert linnen uitpakken.
Er komt een scala aan beelddragers voorbij: de beeldbuis voor het bekijken van de video gemaakt van Singer en pornofilms, precies omschreven schilderdoek, polaroids, foto's en een een vluchtige beelden op de verweerde spiegel waarin het portret van Singer zichzelf kan zien.
Het boek is geschreven als een trhiller, maar heeft de pretentie meer te zijn dan dat. Er komt een aantal zaken voorbij die de grotere thema's – leven, dood en verlies; angst en belofte; vrijheid en slaaf; liefde en bedrog; waan en waarheid; journalistiek en sensatie; kijken en zien – in de verf moeten zetten, maar het geheel doet gekunsteld aan. Zo brengt de naam van de vers geboren zoon die van Singer en Tijn samen, maar hij is in tegenstelling tot hen wel uitgerust met flinke ballen (de gangbare associatie hierbij past niet bij een net geboren baby). Een Nederlandse schilder Vincent noemen is ook niet te negeren om over Singer niet te beginnen.
De jury van de Libris literatuurprijs was wel vol lof. Specht en zoon viel in de prijzen, want Otten schreef “met grote souplesse en brille...een roman die de glans, de diepte en het mysterie heeft van een scheppingsverhaal. Met Specht en zoon verrijkt Willem Jan Otten de lezer met iets wat hij nog niet kende en waarover hij voorlopig ook niet uitgedacht zal zijn.”
Als het doek verdwenen is en de polaroid ervan overblijft dan zegt de daarop afgebeelde Singer in de zak van Vincent: “Het is krankzinnig, ik heb heel mijn raamwerk en mijn linnen moeten verliezen om zo dicht op iemands huid te zitten.” Het is een aansprekende en veel betekende metafoor. En zo zijn er wel meer. De mogelijkheden van een denkend portret worden flink uitgebuit. Het verbaast zich over de mensen: “(…) die iets willen maken wat ze niet begrijpen.”
Het schilderij dat lang niet alles van het mensdom snapt en als personage het verhaal binnenstapt is mooi gevonden. Specht en zoon is knap geschreven, maar als verhaal weinig overtuigend. Je kan als schrijver een loopje nemen met de logica van je eigen verhaal. Mij irriteert het. Maar misschien is dat de grotere thematiek, het leven is niet logisch, redelijk of geordend zoals het zou moeten zijn (zelfs niet als het enorm voor de hand zou liggen), maar volgt het stramien van het ganzenbord, inclusief de put en de stappen terug. Zouden er nog mensen in 2026 zijn die om dat te weten een dergelijk boek moeten lezen? Maar ook bij deze positieve uitleg komt het hier buitengewoon verwrongen over.
Noot:
* Er is daar wel een Nimmerdor, maar dat is de naam van een parkeerplaats in de Naarder-Eng, een startpunt voor een wandeling of het uitlaten van de hond.
![]() |
| Platanen voor BovenIJ ziekenhuis in de winter. |















