dinsdag 3 november 2026

Tekst?



Op de heenweg bedacht ik me de terugtocht te gebruiken voor het maken van foto's. Het onderwerp zou worden: wegopbrekingen. Het lijkt er het seizoen voor. Dat begint al in het Westerpark. Aan het eind van de Bretten zag ik de volgende. Er is een grote tussen Haarlem-Noord en Spaarndam, gedeeltelijk was daar het nieuwe fietspad al weer bruikbaar. Bijna weer thuis bleek een deel Marnixstraat echt dicht. 

Op het strand dacht ik: “Nee geen tekst. Het is te mooi voor woorden en letters. Laat die wegwerkzaamheden maar.” De luchten waren weergaloos. Het was rustig en mooi. De wind was wel omstuimig, maar dat hoort bij de herfst. Geniet ervan droeg ik mezelf op.
De foto die er vorige week niet van kwam, maakte ik vandaag. Onderwerp de bloem met het pleidooi om het verkleinwoord niet af te schaffen, want zeg nu zelf de vlasbek dat klinkt toch niet. Iets verderop reed ik om een opbreking heen. Een man met bakfiets kwam me tegemoet. Op de zijkant een beeld van een grutto. 

“Kan het,” vroeg ik hem. Ja hij kwam van de kant waar ik heen wilde. “Weet je wat ze er doen,” wilde ik weten. “Ja het zijn de kabels voor een datacentrum die de grond ingaan,” antwoorde hij. Doe jij, doe ik, zuinig met stroom, dan maken zij het weer op. Staan die molens niet voor niets in zee te malen. Alles voor de AI waar we met zijn allen in de breedte toch echt niet slimmer van worden. Daarna nog de griepprik. Later nog de uitslagen.

Toch tekst.










vrijdag 30 oktober 2026

De buurtwinkel aan zee

 

De buurtwinkel aan zee door Sonoko Machida gaat over een supermarktje onder een appartementencomplex voor ouderen. Het winkelaanbod is onder meer op die klanten toegesneden. Niet alleen zijn er producten in de schappen. Er is ook een eetzaal waar de bewoners kunnen samenkomen en eten.

 Al snel mochten ook anderen aanschuiven. Vrijwilligers houden het er netjes en schoon. De bedrijfsleider is superknap en zo charmant en aantrekkelijk dat vrouwen in rijen voor zijn kassa staan en zelfs een fanclub voor hem hebben opgericht.

De bezoekers zijn naast die vrouwen, gewone mensen, ouderen, leerlingen, mensen met een baan in de buurt, en een paar opvallende karakters. Jeugd komt genieten van taartjes en mooi opgemaakte kant-en-klaar maaltijden (bento's).
     De buurtwinkel... is verdeeld in zes hoofdstukken (plus een proloog en nawoord) die overlappen en personen komen meer dan eens terug, maar elk bevat een afgerond verhaal. Allen zoeken naar een antwoord op een 'hoe'.

Hoe los je problemen in het leven zo prettig mogelijk op en hoe zorg je voor je eigen welbevinden en zelfvertrouwen? Hoe verweer je je tegen pesten op school? Hoe geven ouders aandacht aan hun kinderen? Hoe blijf je je passie volgen (ook als het tegenzit)? Hoe zorg je voor ruimte voor beiden in een relatie? Hoe de verliefdheid je kan overvallen en niet altijd wederzijds is.
     Je kan je vergissen in een ander door zelf teveel conclusies te trekken. Er lopen in de wijk rond de winkel relaties die stuk, maar daar tegenover staan dan weer voorbeeldige stellen. Er zijn krengen van mensen die andere graag manipulren even rot te doen, maar er is veel meer behulpzaamheid en medeleven.

Feel good en zelfhulp zijn de woorden die opdoemen tijdens het lezen. De connotatie ervan doet het vriendelijke en soepel weglezende boek geen recht. Een pleidooi voor een kleinschalige buurtsuper, hoewel hier in een Japanse omgeving -- en enigszins karikaturaal --, is overal bruikbaar waar de winkels verdwijnen als gevolg van de Super de Supers die de kleintjes opeten. Tenderness, ja zo heet de winkel echt, heeft een centrale plek verworven in de kustplaats Mojiko in Kitakyushu in het zuiden van Japan.

Het is een boek dat geen leeftijd aanduiding (NUR code 340: algemeen populaire literatuur) kent, maar het is zeker ook geschikt voor de jeugdige lezer. Vanaf groep 8 lijkt het me niet te hoog gegrepen en kan het aanspreken. Het is eenvoudig geschreven en handelt over zaken die ook die leeftijdsgroep al aangaat en het land is populair. Ook deze zestiger heeft het met plezier gelezen.

Google AI duikt op met een uitleg over het boek op grond van een mix van plukwerk van het internet, waaruit ik de volgende typering haal: “een hartverwarmende Japanse roman. Het boek staat bekend als typische healing fiction en draait om de kleine, alledaagse momenten en de onderlinge verbondenheid in een kleine gemeenschap.” Om de aangename warme toon kan je niet heen. Het kost me bijna moeite om te schrijven dat het soms wel prettig is zoiets te lezen (bijna een guilty pleasure); fijn en plezierig wordt als omlijsting van het aanbod aangeboden in de winkel die vertaald Tederheid heet.*

Naast die vriendelijke sfeer komt als eerste Japanse gerecht de katsudon op de proppen. Dat is een gerecht  dat ik eerder uit een Japanse roman haalde en in vegetarische vorm sindsdien regelmatig bereid. In dit boek komen ook de dorayaki's (pannenkoekjes of zachte broodjes met rode bonen pasta) naar voren. Die doen me denken aan de prachtige speelfilm An en zal ik ook maar eens op mijn repertoire zetten. 

Verder zijn er
ohagi's, kogelvis (fugu) en nog het een en ander, met liefde opgedist. Zo brengt het boek me boven het door de uitgever de geadverteerde richtsnoer “voor een goed en vervuld leven,” ook de inspiratie om eten te bereiden. Dat past. De kleurrijke broer van de attente winkelmanager zegt: “Het grootste genot in het leven is iets lekkers eten terwijl je anderen vertelt hoe lekker het is.”

Noot:
* In de speelfim True Mothers komen de buurtwinkels ook voorbij. Hier als hangplek voor een verwaarloosde jonge vrouw die van daar in de prostitutie belandt en zo ongewenst zwanger wordt (omdat mannen geen condoom willen gebruiken); kortom als een deel van een veel schrijnender fenomeen en een lelijker Japan.
     True Mothers (2020, Japans: 朝が来る) is geregisseerd door Naomi Kawase en gebaseerd op een roman uit 2015 van Mizuki Tsujimura (een schrijfster die door de regisseuse bewonderd wordt) en vertelt het verhaal van een jongen, zijn adoptieouders en zijn biologische moeder. Minder opgewekt, maar wel met veel om over te denken.


donderdag 29 oktober 2026

Piep en Knars


 




Mijn compactcamera piept en knarst. Bij volle batterijen doet hij het beter dan weigert de lens geen dienst. Daarom lag hij naast de oplader en zo vergat ik hem mee te nemen op mijn tocht. Met het mobieltje dan maar een paar plaatjes.

In de duinen lag een oranje bolleje in de berm. Ik stopte, ging een stukje terug, voelde eens en dacht: 't lijkt wasplaat, wat een ronde. Ik maakte een kiek. Vond hem wel erg rond. Er staat net geen made in China op, maar daar komt het plastic balletje waarschijnlijk wel vandaan.Ik zag iets afwijkends en stopte. Pas toen zag ik dat het iets was wat er niet hoorde.

De boom die maandag nog over het pad lag, was in stukken gezaagd en opgeruimd. 

In de schemer kwam ik weer thuis (de zomertijd had zijn voordelen. Dit was ook mooi). Onderweg stopte ik ook voor de parelstuifzwam. 


vrijdag 23 oktober 2026

Laat het morgen mooi weer zijn

Laat het morgen mooi weer zijn van Abdelkader Benali geeft weinig houvast tijdens het lezen. Dat begint al met de functie van de verteller, Malik Ben. Die is autheniciteitsheler, een beroep dat hij niet  kan uitleggen en waarvoor de Gouden Gids geen categorie had en het 'vak' indeelde onder amusement. Ben richt zijn inzet op succesvolle mensen (met geld) die het spoor bijster zijn geraakt. Hij helpt hen (weer) aan zelfvertrouwen. (Inderdaad ja, het kan ook kwakzalverij genoemd worden.*)

Malik wordt door zijn vader meegenomen naar bordelen om hem seksueel in te wijden. Als hij 21 jaar oud is, wordt hij door diezelfde vader op een cruise vaart gestuurd met de aanbeveling iemand aan de haak te slaan. Het wordt een kortstondige affaire met een opgelapte Spaanse bejaarde schone met prachtige billen. Hij wordt haar honderdste bedgenoot.
     Die Spaanse heeft een band met het stoomschip de Latina. Ze las erover in de krant toen het nieuw was, ze bezocht het tijdens de Spaanse burgeroorlog, en ze was betrokken bij de verzekering ervan toen ze als vluchtelinge in Zwitserland woonde. Nu vaart ze mee en het schip en de passagiers vallen haar tegen. Van de mannen kunnen alleen Malik en de barman door haar beugel. Het schip zelf heeft zijn grandeur verloren. Het nog eens oplappen is te kostbaar. De Latina vaart naar de afronding van zijn levensduur. En naar de afronding van eht leven van de Spaanse; er wacht haar aan het eind een nauwelijks geloofwaardige herstel van de band met haar broer die in dienst van Franco verantwoordelijk was voor het vernietigen van haar geboortedorp en het vermoorden van hen die er woonden.

Maliks vader heeft ook een onfrisse achtergrond. Hij was dubbelspion in het land voor het Regime zonder Kleur, waar hij de oppositiebeweging verraadde waar hij zelf deel van uitmaakte. Uiteindelijk vluchtten hij en zijn vriendin naar Nederland. Daar past de man zich aan. Hij volgt er de geldende mores, maar uitsluitend omdat dit nodig is voor zijn zakenpositie. Alleen de moeder van Malik houdt haar principes overeind. Ze weigert voor de olie industrie in haar geboorteland te gaan werken, zelfs niet als daar een stevige betaling tegenover staat. Ze gaat dood zonder haar land nog terug te zien. Verder is opportunisme en cynisme de norm. Dat wordt veelal ingegeven uit overlevingsdrang of ontplooiingsmogelijkheden die de omstandigheden bieden.

Malik reist van Tanger over de bergen naar het land van zijn ouders. Dat doet daardoor denken aan Algerije of het Rifgebergte. Toch is dat nergens beschreven of genoemd. Het blijft daardoor een denkbeeldig land. Er is een fabriek die gebombardeerd wordt omdat er chemische wapens worden gemaakt. Dat bracht mij als lezer helemaal naar de ander kant van Afrika, namelijk naar Soedan waar in 1998 een dergelijk voorval speelde, rond de Al-Shifa-farmaceutiefabriek. Dat is het voordeel van een bedacht land; je kan er van alles plaatsen en laten gebeuren. De lezer kan dit land wel willen benoemen, maar een schrijver heeft een grotere vrijheid en laat de lezer achter met zijn verhaal.

“Op 18 juli 1936 begon de Spaanse burgeroorlog.” Franco komt tot dit besluit om zich af te reageren van een mislukte seksuele daad in een Marokkaans bordeel. Franco is geen fictie. Als ik dit een paar pagina's lange fragment hierover lees, vraag ik me af of dit aan de geest van de schrijver is ontsnapt of dat het verhaal uit de werkelijkheid is, bijvoorbeeld al is opgetekend in een betrouwbare biografie. Prostitutie omringde de Francistische troepen in Noord-Afrika inderdaad, maar dit gaat een stap verder. Zo verklaart Ben de aanvang van de Spaanse burgeroorlog simpelweg vanuit persoonlijke frustratie.
     Deze opmaat naar door een ideologie veroorzaakte ramp die Europa te wachten stond, omzeilt alle complexiteit van de politieke situatie van die tijd. Er is een scala aan ideologische verklaringen vanuit verschillende politieke perspectieven: klasse strijd, katholieke restauratie, conflict tussen republikeinse democratie en rechtse dictatuur (of ronduit fascisme), tussen revolutie en contrarevolutie, tussen Stalinisme en kapitalisme etc. En dus staat er al een kist vol mogelijke verhaallijnen klaar om uit te kiezen. De verklaring vanuit de slappe penis van Franco is niet alleen lui, maar ook onkies, en alleen voor domkoppen komisch. Misschien moeten we het boek inderdaad niet meer dan een schelmenroman noemen dan kunnen we hier gemakkelijker aan voorbij gaan.**

Toch is Laat het morgen... wel onderhoudend, tenminste als je over de af-en-toe rammelende taal en stijl, de spijkers die in het metaal van een schip worden geslagen, het van ijslolliestokjes in elkaar gevlochten matje van levensverhalen, en de ongeloofwaardige karakters (als er al sprake van vorming van personages is) in de pseudo intellectuele roman heen kan stappen. In het boek wordt gezocht naar een al dan niet authentieke houding in het leven. Een prachtig literair thema, zeker afgezet tegen een ethische of verwerpelijke invulling ervan. Ook dat wordt echter op de helling gezet om een andere koers te volgen. De Spaanse schone koos tegen dwingende kuisheid en ervoor “zo min mogelijk op zoek te gaan naar betekenis (…) en het volledige leven te benutten.” Wat een benepen visie.

De roman laat zien dat het niet elke dag mooi weer kan zijn en dat een kaft ook om losse fragmenten zonder veel verband kan zitten. Uitgelezen. Dat wel. 

Noot:
* In de tekst onder deze link op Scholieren.com wordt ook stilgestaan bij woordenbrei die in de roman wordt aagekaart: van Kletspraat, verkooppraatjes, papegaaien tot de flauwekul op de televisie. Deze staan tegenover het luisteren, waar de autheniciteitsheler zo goed in is.
** Zoals Jaap Goedegebuure deed in het Algemeen Dagblad van 12 maart 2005. 'Schelmenroman van Benali,' AD 12 maart 2005

Abdelkader Benali met Remco Campert in de Kennemerduinen (bij Parnassia), februari 2012.