vrijdag 23 oktober 2026

Laat het morgen mooi weer zijn

Laat het morgen mooi weer zijn van Abdelkader Benali geeft weinig houvast tijdens het lezen. Dat begint al met de functie van de verteller, Malik Ben. Die is autheniciteitsheler, een beroep dat hij niet  kan uitleggen en waarvoor de Gouden Gids geen categorie had en het 'vak' indeelde onder amusement. Ben richt zijn inzet op succesvolle mensen (met geld) die het spoor bijster zijn geraakt. Hij helpt hen (weer) aan zelfvertrouwen. (Inderdaad ja, het kan ook kwakzalverij genoemd worden.*)

Malik wordt door zijn vader meegenomen naar bordelen om hem seksueel in te wijden. Als hij 21 jaar oud is, wordt hij door diezelfde vader op een cruise vaart gestuurd met de aanbeveling iemand aan de haak te slaan. Het wordt een kortstondige affaire met een opgelapte Spaanse bejaarde schone met prachtige billen. Hij wordt haar honderdste bedgenoot.
     Die Spaanse heeft een band met het stoomschip de Latina. Ze las erover in de krant toen het nieuw was, ze bezocht het tijdens de Spaanse burgeroorlog, en ze was betrokken bij de verzekering ervan toen ze als vluchtelinge in Zwitserland woonde. Nu vaart ze mee en het schip en de passagiers vallen haar tegen. Van de mannen kunnen alleen Malik en de barman door haar beugel. Het schip zelf heeft zijn grandeur verloren. Het nog eens oplappen is te kostbaar. De Latina vaart naar de afronding van zijn levensduur. En naar de afronding van eht leven van de Spaanse; er wacht haar aan het eind een nauwelijks geloofwaardige herstel van de band met haar broer die in dienst van Franco verantwoordelijk was voor het vernietigen van haar geboortedorp en het vermoorden van hen die er woonden.

Maliks vader heeft ook een onfrisse achtergrond. Hij was dubbelspion in het land voor het Regime zonder Kleur, waar hij de oppositiebeweging verraadde waar hij zelf deel van uitmaakte. Uiteindelijk vluchtten hij en zijn vriendin naar Nederland. Daar past de man zich aan. Hij volgt er de geldende mores, maar uitsluitend omdat dit nodig is voor zijn zakenpositie. Alleen de moeder van Malik houdt haar principes overeind. Ze weigert voor de olie industrie in haar geboorteland te gaan werken, zelfs niet als daar een stevige betaling tegenover staat. Ze gaat dood zonder haar land nog terug te zien. Verder is opportunisme en cynisme de norm. Dat wordt veelal ingegeven uit overlevingsdrang of ontplooiingsmogelijkheden die de omstandigheden bieden.

Malik reist van Tanger over de bergen naar het land van zijn ouders. Dat doet daardoor denken aan Algerije of het Rifgebergte. Toch is dat nergens beschreven of genoemd. Het blijft daardoor een denkbeeldig land. Er is een fabriek die gebombardeerd wordt omdat er chemische wapens worden gemaakt. Dat bracht mij als lezer helemaal naar de ander kant van Afrika, namelijk naar Soedan waar in 1998 een dergelijk voorval speelde, rond de Al-Shifa-farmaceutiefabriek. Dat is het voordeel van een bedacht land; je kan er van alles plaatsen en laten gebeuren. De lezer kan dit land wel willen benoemen, maar een schrijver heeft een grotere vrijheid en laat de lezer achter met zijn verhaal.

“Op 18 juli 1936 begon de Spaanse burgeroorlog.” Franco komt tot dit besluit om zich af te reageren van een mislukte seksuele daad in een Marokkaans bordeel. Franco is geen fictie. Als ik dit een paar pagina's lange fragment hierover lees, vraag ik me af of dit aan de geest van de schrijver is ontsnapt of dat het verhaal uit de werkelijkheid is, bijvoorbeeld al is opgetekend in een betrouwbare biografie. Prostitutie omringde de Francistische troepen in Noord-Afrika inderdaad, maar dit gaat een stap verder. Zo verklaart Ben de aanvang van de Spaanse burgeroorlog simpelweg vanuit persoonlijke frustratie.
     Deze opmaat naar door een ideologie veroorzaakte ramp die Europa te wachten stond, omzeilt alle complexiteit van de politieke situatie van die tijd. Er is een scala aan ideologische verklaringen vanuit verschillende politieke perspectieven: klasse strijd, katholieke restauratie, conflict tussen republikeinse democratie en rechtse dictatuur (of ronduit fascisme), tussen revolutie en contrarevolutie, tussen Stalinisme en kapitalisme etc. En dus staat er al een kist vol mogelijke verhaallijnen klaar om uit te kiezen. De verklaring vanuit de slappe penis van Franco is niet alleen lui, maar ook onkies, en alleen voor domkoppen komisch. Misschien moeten we het boek inderdaad niet meer dan een schelmenroman noemen dan kunnen we hier gemakkelijker aan voorbij gaan.**

Toch is Laat het morgen... wel onderhoudend, tenminste als je over de af-en-toe rammelende taal en stijl, de spijkers die in het metaal van een schip worden geslagen, het van ijslolliestokjes in elkaar gevlochten matje van levensverhalen, en de ongeloofwaardige karakters (als er al sprake van vorming van personages is) in de pseudo intellectuele roman heen kan stappen. In het boek wordt gezocht naar een al dan niet authentieke houding in het leven. Een prachtig literair thema, zeker afgezet tegen een ethische of verwerpelijke invulling ervan. Ook dat wordt echter op de helling gezet om een andere koers te volgen. De Spaanse schone koos tegen dwingende kuisheid en ervoor “zo min mogelijk op zoek te gaan naar betekenis (…) en het volledige leven te benutten.” Wat een benepen visie.

De roman laat zien dat het niet elke dag mooi weer kan zijn en dat een kaft ook om losse fragmenten zonder veel verband kan zitten. Uitgelezen. Dat wel. 

Noot:
* In de tekst onder deze link op Scholieren.com wordt ook stilgestaan bij woordenbrei die in de roman wordt aagekaart: van Kletspraat, verkooppraatjes, papegaaien tot de flauwekul op de televisie. Deze staan tegenover het luisteren, waar de autheniciteitsheler zo goed in is.
** Zoals Jaap Goedegebuure deed in het Algemeen Dagblad van 12 maart 2005. 'Schelmenroman van Benali,' AD 12 maart 2005

Abdelkader Benali met Remco Campert in de Kennemerduinen (bij Parnassia), februari 2012.


woensdag 21 oktober 2026

Het Zwanenmeer (maar dan anders)


Het Zwanenmeer (maar dan anders) is het kinderboekengeschenk voor 2003 en geschreven door Francien Oomen. Mijn oudste zoon was destijds vijf en mijn jongste drie. We lazen veel, maar niet alles. Dit boekje was voor kinderen van een paar jaar ouder. Het exemplaar dat ik onlangs uit een weggeefkast haalde, is gekocht bij de NRD. NED. Boekhandel in Leeuwarden.

Het thema was 23 jaar geleden Diep in het bos. Op de zolderkamer van Pip is door hem een zeven meter lang bos geschilderd op de muur waartegen zijn bed staat. Er leven monsters tussen de bomen en een wit kruis is goed zichtbaar aan de ene kant. Kindere dansen op de andere. Het bed schuift mee met zijn stemmingen langs die beelden. Het staat bij de duistere plekken op rotmomenten, of als het beter gaat bij die met helder licht. De schildering legt zo de thematiek over het hele verhaal. En dat door een beeld gemaakt door een jongen die geen ster is in rekenen en taal, maar dus wel enorm creatief is, zelfs als kunstenaar wordt gezien: typisch Oomen.

Pip heet eigenlijk Jean-Philip. Zijn twee zussen hebben ook van die statige namen, maar Berenieke Aurora is Beer geworden en Samantha-Marie werd Sam. Ze zijn een drieling. Moeder overleed na de geboorte. Hun vader is een bekend en beroemd schrijver die is vastgelopen. Zijn status betekent dat mensen contact zoeken, vrienden willen worden, omdat ze zo dichter bij de ster kunnen komen. Tegelijkertijd hebben mensen vaak een medelijdende blik in de ogen als ze tegen de kinderen praten. Het huis de vier wonen is een bende. Sam probeert nog wat orde in die chaos te scheppen, tot ze het niet meer aan kan. Vader sluit ich op achter zijn PC.

Het zal fout lopen, dat zie je aankomen, maar het zal op de vriendelijke toon van Oomen voor het einde ook weer goed komen, kan je raden, zoals vaker in dit genre kinderboeken. Hoewel er geen gebrek is aan verdriet en tranen, blijft de afloop hoopvol open, de kikkers gaan door met kwaken in een zwembad waar het water dik en groen is, en het Zwanenmeer duikt in beeld, dans, en muziek op.
      Oomen stelt grote aspecten van het leven helder aan de orde, maar wel met een perspectief; lief en aardig maar zonder een niemendal te schrijven.



dinsdag 20 oktober 2026

Voordeel van wegopbrekingen


Twee weken geleden schreef ik een stukje over het afsluiten van het fietspad over de Steekterbrug (bij Alphen aan de Rijn). Voor dezelfde rit deze week zocht ik een omweg om over Oude Rijn, spoor en N11 te komen. Het was zo'n 2½ km langer en grotendeels door de bebouwde kom. Op de terugweg moest ik ook nog wachten omdat een binnenvaartschip en plezierboot voorbij kwamen. Dat maakte de tocht op heen en terugweg samen ¾ uur langer.

Zo reed ik wel een andere weg en daardoor zag ik óók andere (goede, zelfs betere) fietsroutes, in Alphen een prachtige molen (korenmolen De eendracht kwam er zowel aan de straatkant als aan de overkant langs) en in Boskoop een klein kerkje waar Remonstranten diensten hebben en culturele activiteiten worden geörganiseerd. 

Had Cruijff toch weer gelijk (pa Johan bedoel ik).

vrijdag 16 oktober 2026

Herfsttocht



Ik wist waarheen ik wilde. Dat was die plek in de Schoorlse duinen waar de herfst zich steeds weer zo mooi laat zien en even langs het strand bij Hargen aan Zee. Na het tweede reed ik nog een stuk Hondsbosche fietspad. De eerste afslag naar beneden en door de Harger- en Pettemerpolder en langs 't Dopersduin naar Schoorl. Vandaar naar mijn herfsttafreel. In de Berenkuil nog een hap en zo ging het weer terug naar huis. Welke paddenstoel ik zag bij de Woudweg? Mogelijk een schubbige fopzwam.

Kort na vertrek zie ik een beladen fiets voor me uit rijden. Hij slaat af van het fietspad over het gras naar een plek tussen de bomen. De lading is een pallet zie ik dichterbij gekomen. Voor bouw werkzaamheden of een vuurtje tegen de avondkou? Als ik weer doorrijd zie ik dat alle vuilnisbakken zijn opengebroken. Er zou een blikje in kunnen zitten met daarop 15 cent statiegeld. Even twijfel ik of ik beide beelden in één alinea zou stoppen. Dat suggereert een verband dat er mogelijk niet is tussen de wielrijder en de zoektocht. 
     Buiten slapen, en blikjes jutten zijn beide wel een kant aan armoede. Ze zijn beide ook een gevolg van falend beleid. Je ziet de aantallen dakloze mensen in Nederland zelfs over een korte periode toenemen (zie tabel hieronder). Het blikjesbeleid verdient een update en een vuilnisbak een aparte statiegeldafdeling. Dat is beter voor hergebruik en voor de inzamelaar.
     Waarom blijven toch zoveel mensen op rechts stemmen, verzuchtte ik, terwijl maar deel er beter van wordt. 


Een half uur later reed ik Duin en Kruidberg binnen. Drie vrouwen stonden in de bossages en waren druk met fototoestellen. “Zien jullie iets moois,” riep ik hen toe. Een kwam enthousiast aansnellen met een stuk dikke tak met daarop judasoor. En er staan daar nog hele grote, zei een ander met een vinger in de juiste richting. “Parasolzwam,” reageerde ik als vanzelf. De meest paddenstoelachtige der paddenstoelen. Ik werd blij van hun opgewekt genieten. 

De visjes stonden weer in een inlaat van het duinwater. Vaak stop ik er om te kijken of ik ze zie.  
     Als ik op de heenweg naar boven klim op 
de Woudweg dan word ik ingehaald door een man op een wielrenfiets. 
“Zwaar hè,” merkte hij in het voorbijgaan op. “Valt mee, het is niet zo lang,” reageerde ik. Boven wachtte hij en we fietsten een kilometer of tien samen op. Twaalf jaar ouder dan ik, maar het ging nog goed vooruit.
     “U moet wel naar het moois kijken,” vermaande hij me op die tocht. Ik hield zijn aan mij aangepaste tempo net bij en dat kostte me vrijwel al mijn aandacht. We spraken over fietstochten, herinneringen en het mooie ervan. We namen drie keer afscheid. De laatste keer zei hij: “Ik moet U nog de mierenhoop iets verderop laten zien.” Hij vertelde over warmteregulatie in de hoop en ik had het over collectieve intelligentie van de insecten waardoor er problemen zijn die ze beter kunnen oplossen dan mensen en bedankte hem voor het wonder dat hij me liet zien. Het was een onderdeel in een plezierige en aangename fietstocht.
     Een tocht en gevoel om te onthouden en dus om op te schrijven. 



Dakloze mensen 18 tot 65 jaar, persoonskenmerken


2022*

2023*

2024*

Dakloze mensen

Dakloze mensen relatief

Dakloze mensen

Dakloze mensen relatief

Dakloze mensen

Dakloze mensen relatief

x 1 000

%

x 1 000

%

x 1 000

%

Totaal personen

26,6

100

30,6

100

33,0

100

Geslacht: mannen

21,7

82

24,5

80

27,3

83

Geslacht: vrouwen

4,9

18

6,1

20

5,6

17

Leeftijd: 18 tot 27 jaar

5,0

19

6,2

20

6,2

19

Leeftijd: 27 tot 50 jaar

16,1

61

18,6

61

20,0

61

Leeftijd: 50 tot 65 jaar

5,4

20

5,8

19

6,7

20

Herkomst: geb. in NL, ouders in NL

9,9

37

10,9

36

10,9

33

Herkomst: geb. in NL, ouder(s) in Europa

0,6

2

1,0

3

1,0

3

Herkomst: geb. NL, ouder(s) buit. Europa

5,6

21

6,2

20

6,0

18

Herkomst: geboren in Europa (excl. NL)

1,3

5

2,3

8

2,9

9

Herkomst: geboren buiten Europa

9,1

34

10,3

34

12,2

37

Bron: CBS