woensdag 11 juli 2018

Broedplaatsen









Jonge vogels zijn uitgevlogen, hebben volwassen veren en bevolken de lucht. Anderen verdwijnen in de maag van een groter dier.

De gierzwaluwen trekken over een paar weken al weer naar zuidelijk Afrika, zo jong als ze zijn. Er zijn er die onderweg gevangen worden, maar wat overblijft komt op de grens van april en mei terug.

Ze haken niet af, maar blijven ook niet in de
broedplaatsen hangen. Ze maken als volwassenen plaats voor een nieuwe lichting.


Iedere woensdagmiddag fiets ik naar het strand, neem een duik en fiets weer terug. Op Facebook plaats ik later vrijwel altijd een aantal foto's. Eén of meer daarvan plaats ik hier.


woensdag 4 juli 2018

Dan







Lezen komt er niet meer van. Ja hier en daar een artikel. De muziek laat ik over me komen. Het leven staat stil; ik kijk voetbal. Niet helemaal. Er wordt nog een beetje geschreven en ik ga naar het strand.

Soms maak ik zelfs afspraken met andere mensen. Iemand vertelde me dat reizen met een boot vies zou zijn. Voor een viesreizenafkerige, als ik, een schrik. Maar gelukkig schoner dan een ferry kan het niet. 

Hoewel thuis achter de TV naar andere werelden is veel schoner. Maar dan zie je niet dat de blauwe zeedistel weer kobaltblauw bloeit. Dat ontkom je er aan dat de parnassia en het duizendguldenkruid je proberen te verleiden. Er is geen vlieg die in je oor vliegt en de weg naar buiten niet kan vinden. Dan ruik je niet de geur van de zee en hoogovens. Dan ....


Iedere woensdagmiddag fiets ik naar het strand, neem een duik en fiets weer terug. Op Facebook plaats ik later vrijwel altijd een aantal foto's. Eén of meer daarvan plaats ik hier.


zaterdag 30 juni 2018

Boek in juni

Naar de vuurtoren

Op tafel ligt een kaart van Nordfriesland Schleswig. Hij is bedoeld voor een tocht die dag later begint. De week ervoor las ik To the lighthouse van Virginia Wolf. Een boek waarin weinig meer gebeurd dan wat geschilder, een maaltijd en een tocht naar de vuurtoren voor de kust.

Het speelt in het huis van de de weinig fijngevoelige mijnheer Ramsay – om niet te zeggen een naarling (al zijn er ook genuanceerder gedachten over hem) –, zijn beeldschone vrouw en hun acht kinderen. Mijnheer zuigt de energie uit zijn vrouw voor zelfbevestiging, hij ontzegt zijn zoon een tocht naar de vuurtoren en geeft nooit complimenten.

Het boek gaat vooral over het verstrijken van de tijd. Dat gaat net te snel om vast te leggen op het schildersdoek. In die tijd is er hier en daar een herinnering te vinden die zich soms even uit laat pakken en op het netvlies verschijnt. Verder zijn we alleen en verdwijnen weer. In dat dat leven kunnen we niet zeggen wat we denken als dit ongepast zou kunnen zijn.

De vuurtoren is de bestemming die de vader met twee kinderen toch nog zal bereiken. Te laat om het goed te maken en nog steeds volledig onder zijn voorwaarden, op zijn manier, om zijn positie als vader te onderstrepen. Een houding die zijn familie en vrouw ongelukkig heeft gemaakt. Het leest als een waarschuwing.

woensdag 27 juni 2018

De bonen








Niet somberen. De zon schijnt. Ik had het al voorspeld: over twee uur komt hij door de wolken. Ik fiets naar de golven en die overspoelen wisjes en wasjes en rijd dan wel terug naar de sojabonen in de week.

Op een smalle dijk uit de eerste helft van de 13e eeuw (er is wel wat aan verhapstukt sindsdien) een praatje over een kameraad, politiek, fietsen en gezondheid. Het maakte me vrolijk. “We spreken af,” bij het afscheid en een berichtje bij thuiskomst.

De wind is land afwaarts en de zee daardoor vlak. Lekker om te zwemmen. Ik ga te ver. Als ik terugkom ligt mij fietstas in de uitlopers van de golven. Twee voorbijganger leggen hem hogerop. Ik steek een duim omhoog. Ook de bonen zijn lekker.


Iedere woensdagmiddag fiets ik naar het strand, neem een duik en fiets weer terug. Op Facebook plaats ik later vrijwel altijd een aantal foto's. Eén of meer daarvan plaats ik hier.