Posts tonen met het label mark haddon. Alle posts tonen
Posts tonen met het label mark haddon. Alle posts tonen

zaterdag 23 juli 2016

2: Fire Hose, Duinkerken – Rye, 23 juli 2016



Het blijft wennen: mannen met pistoolmitrailleurs op straat. Zaaien ze angst of zorgen ze voor gerustheid? Ze staan voor ons Parlement, in de straten van Brussel en ook op de grens is een blik legergroen met schiettuig opengetrokken. Met een lach en een grap rijd ik er langs.

In de hal van DFDS hangt een kaart vol lijnen over zee. Het zijn reizen die ik nog kan maken. Onderweg naar de veerboot maak ik een vaag zelfportret met bank en kom met mijn fiets weer in vreemde situaties terecht. Wegen die veranderen in autoweg. Gelukkig is er bijna altijd een vluchtstrook.

Op TV aan boord zie ik in het voorbijlopen dat er weer een gek heeft huisgehouden. Dit keer in München. Dit soort geweld is besmettelijk (of er nu een psyche-somatische, ideologische of politieke reden voor is). Aan dek eet ik mijn brood en snijd met mijn zakmes plakken Ardennerworst. Geen moeite om er een paar te grazen te nemen. Geen mes dan wat loslopende kleine kinderen over de reling gooien. Tegen dat soort ongericht geweld is geen maatregel te nemen. Minder aandacht, meer in perspectief plaatsen, dat zou helpen. Er zijn bijvoorbeeld steeds minder doden door geweld in West-Europa.
Hoe het in mijn boek afloopt met een man die met een geweer met afgezaagde loop een familiekerstdiner binnendringt (The Gun), lees ik misschien voor Dover nog. Maar nee de zon schijnt. Ik doe mijn ogen dicht en geniet van het geknor van de motoren en het geluid van staal dat door de zee snijdt. Verder houdt gebabbel me van het lezen af.
In Rye draag ik mijn fiets de trap op van ons huisje aan de hoofdstraat van dit oude stadje. Wat later komt de rest van het gezin. Ik lees op Telegraaf.nl dat Mollema  zijn stuur niet recht kon houden. Op de mat ploft een weinig zeggende folder die Matt Follett aanprijst voor de Gemeente Raadsverkiezingen van een paar dagen later.

vrijdag 22 juli 2016

1: Op herhaling, Amsterdam – Duinkerken, 22 juli 2016




Al eerder dit jaar vertrok ik naar Dover. De trein die ik nu neem gaat een halfuur vroeger. Dat mag in vakantietijd ook met korting. Ik lees de krant. Hoewel krant, een uurtje internet bezorgt me meer informatie, maar wel minder gezondheidsinformatie over alcohol en over suiker in de cruesli en wat muesli tot muesli maakt.

Op de roltrap van Sloterdijk ga ik onderuit. De eerste butsen en schrammen zitten er al weer op. Volgende keer de lift maar zoeken. Anderhalf uur later rijd ik weer door het land van mijn jeugd.
Er staan nu fakkellelies (Engels: red hot poker torch lilies vertelt een aardige verkoopster een aantal dagen later), waar toen aardappels en suikerbieten stonden.

Gedachten aan vakanties dertig jaar geleden kwamen als vanzelf boven. In dat jaar ging ik met school naar Moskou, Kalinin en Sint-Petersburg (toen nog Leningrad) en later in het jaar op eigen houtje naar Marokko, Senegal, Mauritanië en Gambia. Ik woonde al in Amsterdam. Nu wordt het minder avontuurlijk East Sussex. Hoewel je weet maar nooit.

Mark Haddon schrijft een verhaal over Shoreham pier in West Sussex die in 1970 instortte. “No one wants to believe that time and weather can be this dangerous (…),” schrijft hij. Fictie, tenminste ik kan er niets over vinden. Het verhaal zit vol verwrongen staal, versplinterde ramen, drijvende lijken en veel meer misère. Dat mag wat minder.

Op de camping in Duinkerken staan zuipende mannen bij de barbecues en houtovens met alle verschijnselen van dronkenschap. Ben bang dat zij de Mijnheer onder de Nederlandse kranten toch niet lezen en evenmin de Franse variant daarvan. Of ze ook tot een uur of twee de knetterharde dance speelden, weet ik niet. In de ochtend hoor ik luid snurken uit tenten komen. Feesten zit ons mensen blijkbaar in het bloed met of zonder drank.