vrijdag 30 oktober 2026

De buurtwinkel aan zee

 

De buurtwinkel aan zee door Sonoko Machida gaat over een supermarktje onder een appartementencomplex voor ouderen. Het winkelaanbod is onder meer op die klanten toegesneden. Niet alleen zijn er producten in de schappen. Er is ook een eetzaal waar de bewoners kunnen samenkomen en eten.

 Al snel mochten ook anderen aanschuiven. Vrijwilligers houden het er netjes en schoon. De bedrijfsleider is superknap en zo charmant en aantrekkelijk dat vrouwen in rijen voor zijn kassa staan en zelfs een fanclub voor hem hebben opgericht.

De bezoekers zijn naast die vrouwen, gewone mensen, ouderen, leerlingen, mensen met een baan in de buurt, en een paar opvallende karakters. Jeugd komt genieten van taartjes en mooi opgemaakte kant-en-klaar maaltijden (bento's).
     De buurtwinkel... is verdeeld in zes hoofdstukken (plus een proloog en nawoord) die overlappen en personen komen meer dan eens terug, maar elk bevat een afgerond verhaal. Allen zoeken naar een antwoord op een 'hoe'.

Hoe los je problemen in het leven zo prettig mogelijk op en hoe zorg je voor je eigen welbevinden en zelfvertrouwen? Hoe verweer je je tegen pesten op school? Hoe geven ouders aandacht aan hun kinderen? Hoe blijf je je passie volgen (ook als het tegenzit)? Hoe zorg je voor ruimte voor beiden in een relatie? Hoe de verliefdheid je kan overvallen en niet altijd wederzijds is.
     Je kan je vergissen in een ander door zelf teveel conclusies te trekken. Er lopen in de wijk rond de winkel relaties die stuk, maar daar tegenover staan dan weer voorbeeldige stellen. Er zijn krengen van mensen die andere graag manipulren even rot te doen, maar er is veel meer behulpzaamheid en medeleven.

Feel good en zelfhulp zijn de woorden die opdoemen tijdens het lezen. De connotatie ervan doet het vriendelijke en soepel weglezende boek geen recht. Een pleidooi voor een kleinschalige buurtsuper, hoewel hier in een Japanse omgeving -- en enigszins karikaturaal --, is overal bruikbaar waar de winkels verdwijnen als gevolg van de Super de Supers die de kleintjes opeten. Tenderness, ja zo heet de winkel echt, heeft een centrale plek verworven in de kustplaats Mojiko in Kitakyushu in het zuiden van Japan.

Het is een boek dat geen leeftijd aanduiding (NUR code 340: algemeen populaire literatuur) kent, maar het is zeker ook geschikt voor de jeugdige lezer. Vanaf groep 8 lijkt het me niet te hoog gegrepen en kan het aanspreken. Het is eenvoudig geschreven en handelt over zaken die ook die leeftijdsgroep al aangaat en het land is populair. Ook deze zestiger heeft het met plezier gelezen.

Google AI duikt op met een uitleg over het boek op grond van een mix van plukwerk van het internet, waaruit ik de volgende typering haal: “een hartverwarmende Japanse roman. Het boek staat bekend als typische healing fiction en draait om de kleine, alledaagse momenten en de onderlinge verbondenheid in een kleine gemeenschap.” Om de aangename warme toon kan je niet heen. Het kost me bijna moeite om te schrijven dat het soms wel prettig is zoiets te lezen (bijna een guilty pleasure); fijn en plezierig wordt als omlijsting van het aanbod aangeboden in de winkel die vertaald Tederheid heet.*

Naast die vriendelijke sfeer komt als eerste Japanse gerecht de katsudon op de proppen. Dat is een gerecht  dat ik eerder uit een Japanse roman haalde en in vegetarische vorm sindsdien regelmatig bereid. In dit boek komen ook de dorayaki's (pannenkoekjes of zachte broodjes met rode bonen pasta) naar voren. Die doen me denken aan de prachtige speelfilm An en zal ik ook maar eens op mijn repertoire zetten. 

Verder zijn er
ohagi's, kogelvis (fugu) en nog het een en ander, met liefde opgedist. Zo brengt het boek me boven het door de uitgever de geadverteerde richtsnoer “voor een goed en vervuld leven,” ook de inspiratie om eten te bereiden. Dat past. De kleurrijke broer van de attente winkelmanager zegt: “Het grootste genot in het leven is iets lekkers eten terwijl je anderen vertelt hoe lekker het is.”

Noot:
* In de speelfim True Mothers komen de buurtwinkels ook voorbij. Hier als hangplek voor een verwaarloosde jonge vrouw die van daar in de prostitutie belandt en zo ongewenst zwanger wordt (omdat mannen geen condoom willen gebruiken); kortom als een deel van een veel schrijnender fenomeen en een lelijker Japan.
     True Mothers (2020, Japans: 朝が来る) is geregisseerd door Naomi Kawase en gebaseerd op een roman uit 2015 van Mizuki Tsujimura (een schrijfster die door de regisseuse bewonderd wordt) en vertelt het verhaal van een jongen, zijn adoptieouders en zijn biologische moeder. Minder opgewekt, maar wel met veel om over te denken.


donderdag 29 oktober 2026

Piep en Knars


 




Mijn compactcamera piept en knarst. Bij volle batterijen doet hij het beter dan weigert de lens geen dienst. Daarom lag hij naast de oplader en zo vergat ik hem mee te nemen op mijn tocht. Met het mobieltje dan maar een paar plaatjes.

In de duinen lag een oranje bolleje in de berm. Ik stopte, ging een stukje terug, voelde eens en dacht: 't lijkt wasplaat, wat een ronde. Ik maakte een kiek. Vond hem wel erg rond. Er staat net geen made in China op, maar daar komt het plastic balletje waarschijnlijk wel vandaan.Ik zag iets afwijkends en stopte. Pas toen zag ik dat het iets was wat er niet hoorde.

De boom die maandag nog over het pad lag, was in stukken gezaagd en opgeruimd. 

In de schemer kwam ik weer thuis (de zomertijd had zijn voordelen. Dit was ook mooi). Onderweg stopte ik ook voor de parelstuifzwam. 


vrijdag 23 oktober 2026

Laat het morgen mooi weer zijn

Laat het morgen mooi weer zijn van Abdelkader Benali geeft weinig houvast tijdens het lezen. Dat begint al met de functie van de verteller, Malik Ben. Die is autheniciteitsheler, een beroep dat hij niet  kan uitleggen en waarvoor de Gouden Gids geen categorie had en het 'vak' indeelde onder amusement. Ben richt zijn inzet op succesvolle mensen (met geld) die het spoor bijster zijn geraakt. Hij helpt hen (weer) aan zelfvertrouwen. (Inderdaad ja, het kan ook kwakzalverij genoemd worden.*)

Malik wordt door zijn vader meegenomen naar bordelen om hem seksueel in te wijden. Als hij 21 jaar oud is, wordt hij door diezelfde vader op een cruise vaart gestuurd met de aanbeveling iemand aan de haak te slaan. Het wordt een kortstondige affaire met een opgelapte Spaanse bejaarde schone met prachtige billen. Hij wordt haar honderdste bedgenoot.
     Die Spaanse heeft een band met het stoomschip de Latina. Ze las erover in de krant toen het nieuw was, ze bezocht het tijdens de Spaanse burgeroorlog, en ze was betrokken bij de verzekering ervan toen ze als vluchtelinge in Zwitserland woonde. Nu vaart ze mee en het schip en de passagiers vallen haar tegen. Van de mannen kunnen alleen Malik en de barman door haar beugel. Het schip zelf heeft zijn grandeur verloren. Het nog eens oplappen is te kostbaar. De Latina vaart naar de afronding van zijn levensduur. En naar de afronding van eht leven van de Spaanse; er wacht haar aan het eind een nauwelijks geloofwaardige herstel van de band met haar broer die in dienst van Franco verantwoordelijk was voor het vernietigen van haar geboortedorp en het vermoorden van hen die er woonden.

Maliks vader heeft ook een onfrisse achtergrond. Hij was dubbelspion in het land voor het Regime zonder Kleur, waar hij de oppositiebeweging verraadde waar hij zelf deel van uitmaakte. Uiteindelijk vluchtten hij en zijn vriendin naar Nederland. Daar past de man zich aan. Hij volgt er de geldende mores, maar uitsluitend omdat dit nodig is voor zijn zakenpositie. Alleen de moeder van Malik houdt haar principes overeind. Ze weigert voor de olie industrie in haar geboorteland te gaan werken, zelfs niet als daar een stevige betaling tegenover staat. Ze gaat dood zonder haar land nog terug te zien. Verder is opportunisme en cynisme de norm. Dat wordt veelal ingegeven uit overlevingsdrang of ontplooiingsmogelijkheden die de omstandigheden bieden.

Malik reist van Tanger over de bergen naar het land van zijn ouders. Dat doet daardoor denken aan Algerije of het Rifgebergte. Toch is dat nergens beschreven of genoemd. Het blijft daardoor een denkbeeldig land. Er is een fabriek die gebombardeerd wordt omdat er chemische wapens worden gemaakt. Dat bracht mij als lezer helemaal naar de ander kant van Afrika, namelijk naar Soedan waar in 1998 een dergelijk voorval speelde, rond de Al-Shifa-farmaceutiefabriek. Dat is het voordeel van een bedacht land; je kan er van alles plaatsen en laten gebeuren. De lezer kan dit land wel willen benoemen, maar een schrijver heeft een grotere vrijheid en laat de lezer achter met zijn verhaal.

“Op 18 juli 1936 begon de Spaanse burgeroorlog.” Franco komt tot dit besluit om zich af te reageren van een mislukte seksuele daad in een Marokkaans bordeel. Franco is geen fictie. Als ik dit een paar pagina's lange fragment hierover lees, vraag ik me af of dit aan de geest van de schrijver is ontsnapt of dat het verhaal uit de werkelijkheid is, bijvoorbeeld al is opgetekend in een betrouwbare biografie. Prostitutie omringde de Francistische troepen in Noord-Afrika inderdaad, maar dit gaat een stap verder. Zo verklaart Ben de aanvang van de Spaanse burgeroorlog simpelweg vanuit persoonlijke frustratie.
     Deze opmaat naar door een ideologie veroorzaakte ramp die Europa te wachten stond, omzeilt alle complexiteit van de politieke situatie van die tijd. Er is een scala aan ideologische verklaringen vanuit verschillende politieke perspectieven: klasse strijd, katholieke restauratie, conflict tussen republikeinse democratie en rechtse dictatuur (of ronduit fascisme), tussen revolutie en contrarevolutie, tussen Stalinisme en kapitalisme etc. En dus staat er al een kist vol mogelijke verhaallijnen klaar om uit te kiezen. De verklaring vanuit de slappe penis van Franco is niet alleen lui, maar ook onkies, en alleen voor domkoppen komisch. Misschien moeten we het boek inderdaad niet meer dan een schelmenroman noemen dan kunnen we hier gemakkelijker aan voorbij gaan.**

Toch is Laat het morgen... wel onderhoudend, tenminste als je over de af-en-toe rammelende taal en stijl, de spijkers die in het metaal van een schip worden geslagen, het van ijslolliestokjes in elkaar gevlochten matje van levensverhalen, en de ongeloofwaardige karakters (als er al sprake van vorming van personages is) in de pseudo intellectuele roman heen kan stappen. In het boek wordt gezocht naar een al dan niet authentieke houding in het leven. Een prachtig literair thema, zeker afgezet tegen een ethische of verwerpelijke invulling ervan. Ook dat wordt echter op de helling gezet om een andere koers te volgen. De Spaanse schone koos tegen dwingende kuisheid en ervoor “zo min mogelijk op zoek te gaan naar betekenis (…) en het volledige leven te benutten.” Wat een benepen visie.

De roman laat zien dat het niet elke dag mooi weer kan zijn en dat een kaft ook om losse fragmenten zonder veel verband kan zitten. Uitgelezen. Dat wel. 

Noot:
* In de tekst onder deze link op Scholieren.com wordt ook stilgestaan bij woordenbrei die in de roman wordt aagekaart: van Kletspraat, verkooppraatjes, papegaaien tot de flauwekul op de televisie. Deze staan tegenover het luisteren, waar de autheniciteitsheler zo goed in is.
** Zoals Jaap Goedegebuure deed in het Algemeen Dagblad van 12 maart 2005. 'Schelmenroman van Benali,' AD 12 maart 2005

Abdelkader Benali met Remco Campert in de Kennemerduinen (bij Parnassia), februari 2012.


woensdag 21 oktober 2026

Het Zwanenmeer (maar dan anders)


Het Zwanenmeer (maar dan anders) is het kinderboekengeschenk voor 2003 en geschreven door Francien Oomen. Mijn oudste zoon was destijds vijf en mijn jongste drie. We lazen veel, maar niet alles. Dit boekje was voor kinderen van een paar jaar ouder. Het exemplaar dat ik onlangs uit een weggeefkast haalde, is gekocht bij de NRD. NED. Boekhandel in Leeuwarden.

Het thema was 23 jaar geleden Diep in het bos. Op de zolderkamer van Pip is door hem een zeven meter lang bos geschilderd op de muur waartegen zijn bed staat. Er leven monsters tussen de bomen en een wit kruis is goed zichtbaar aan de ene kant. Kindere dansen op de andere. Het bed schuift mee met zijn stemmingen langs die beelden. Het staat bij de duistere plekken op rotmomenten, of als het beter gaat bij die met helder licht. De schildering legt zo de thematiek over het hele verhaal. En dat door een beeld gemaakt door een jongen die geen ster is in rekenen en taal, maar dus wel enorm creatief is, zelfs als kunstenaar wordt gezien: typisch Oomen.

Pip heet eigenlijk Jean-Philip. Zijn twee zussen hebben ook van die statige namen, maar Berenieke Aurora is Beer geworden en Samantha-Marie werd Sam. Ze zijn een drieling. Moeder overleed na de geboorte. Hun vader is een bekend en beroemd schrijver die is vastgelopen. Zijn status betekent dat mensen contact zoeken, vrienden willen worden, omdat ze zo dichter bij de ster kunnen komen. Tegelijkertijd hebben mensen vaak een medelijdende blik in de ogen als ze tegen de kinderen praten. Het huis de vier wonen is een bende. Sam probeert nog wat orde in die chaos te scheppen, tot ze het niet meer aan kan. Vader sluit ich op achter zijn PC.

Het zal fout lopen, dat zie je aankomen, maar het zal op de vriendelijke toon van Oomen voor het einde ook weer goed komen, kan je raden, zoals vaker in dit genre kinderboeken. Hoewel er geen gebrek is aan verdriet en tranen, blijft de afloop hoopvol open, de kikkers gaan door met kwaken in een zwembad waar het water dik en groen is, en het Zwanenmeer duikt in beeld, dans, en muziek op.
      Oomen stelt grote aspecten van het leven helder aan de orde, maar wel met een perspectief; lief en aardig maar zonder een niemendal te schrijven.



dinsdag 20 oktober 2026

Voordeel van wegopbrekingen


Twee weken geleden schreef ik een stukje over het afsluiten van het fietspad over de Steekterbrug (bij Alphen aan de Rijn). Voor dezelfde rit deze week zocht ik een omweg om over Oude Rijn, spoor en N11 te komen. Het was zo'n 2½ km langer en grotendeels door de bebouwde kom. Op de terugweg moest ik ook nog wachten omdat een binnenvaartschip en plezierboot voorbij kwamen. Dat maakte de tocht op heen en terugweg samen ¾ uur langer.

Zo reed ik wel een andere weg en daardoor zag ik óók andere (goede, zelfs betere) fietsroutes, in Alphen een prachtige molen (korenmolen De eendracht kwam er zowel aan de straatkant als aan de overkant langs) en in Boskoop een klein kerkje waar Remonstranten diensten hebben en culturele activiteiten worden geörganiseerd. 

Had Cruijff toch weer gelijk (pa Johan bedoel ik).

vrijdag 16 oktober 2026

Herfsttocht



Ik wist waarheen ik wilde. Dat was die plek in de Schoorlse duinen waar de herfst zich steeds weer zo mooi laat zien en even langs het strand bij Hargen aan Zee. Na het tweede reed ik nog een stuk Hondsbosche fietspad. De eerste afslag naar beneden en door de Harger- en Pettemerpolder en langs 't Dopersduin naar Schoorl. Vandaar naar mijn herfsttafreel. In de Berenkuil nog een hap en zo ging het weer terug naar huis. Welke paddenstoel ik zag bij de Woudweg? Mogelijk een schubbige fopzwam.

Kort na vertrek zie ik een beladen fiets voor me uit rijden. Hij slaat af van het fietspad over het gras naar een plek tussen de bomen. De lading is een pallet zie ik dichterbij gekomen. Voor bouw werkzaamheden of een vuurtje tegen de avondkou? Als ik weer doorrijd zie ik dat alle vuilnisbakken zijn opengebroken. Er zou een blikje in kunnen zitten met daarop 15 cent statiegeld. Even twijfel ik of ik beide beelden in één alinea zou stoppen. Dat suggereert een verband dat er mogelijk niet is tussen de wielrijder en de zoektocht. 
     Buiten slapen, en blikjes jutten zijn beide wel een kant aan armoede. Ze zijn beide ook een gevolg van falend beleid. Je ziet de aantallen dakloze mensen in Nederland zelfs over een korte periode toenemen (zie tabel hieronder). Het blikjesbeleid verdient een update en een vuilnisbak een aparte statiegeldafdeling. Dat is beter voor hergebruik en voor de inzamelaar.
     Waarom blijven toch zoveel mensen op rechts stemmen, verzuchtte ik, terwijl maar deel er beter van wordt. 


Een half uur later reed ik Duin en Kruidberg binnen. Drie vrouwen stonden in de bossages en waren druk met fototoestellen. “Zien jullie iets moois,” riep ik hen toe. Een kwam enthousiast aansnellen met een stuk dikke tak met daarop judasoor. En er staan daar nog hele grote, zei een ander met een vinger in de juiste richting. “Parasolzwam,” reageerde ik als vanzelf. De meest paddenstoelachtige der paddenstoelen. Ik werd blij van hun opgewekt genieten. 

De visjes stonden weer in een inlaat van het duinwater. Vaak stop ik er om te kijken of ik ze zie.  
     Als ik op de heenweg naar boven klim op 
de Woudweg dan word ik ingehaald door een man op een wielrenfiets. 
“Zwaar hè,” merkte hij in het voorbijgaan op. “Valt mee, het is niet zo lang,” reageerde ik. Boven wachtte hij en we fietsten een kilometer of tien samen op. Twaalf jaar ouder dan ik, maar het ging nog goed vooruit.
     “U moet wel naar het moois kijken,” vermaande hij me op die tocht. Ik hield zijn aan mij aangepaste tempo net bij en dat kostte me vrijwel al mijn aandacht. We spraken over fietstochten, herinneringen en het mooie ervan. We namen drie keer afscheid. De laatste keer zei hij: “Ik moet U nog de mierenhoop iets verderop laten zien.” Hij vertelde over warmteregulatie in de hoop en ik had het over collectieve intelligentie van de insecten waardoor er problemen zijn die ze beter kunnen oplossen dan mensen en bedankte hem voor het wonder dat hij me liet zien. Het was een onderdeel in een plezierige en aangename fietstocht.
     Een tocht en gevoel om te onthouden en dus om op te schrijven. 



Dakloze mensen 18 tot 65 jaar, persoonskenmerken


2022*

2023*

2024*

Dakloze mensen

Dakloze mensen relatief

Dakloze mensen

Dakloze mensen relatief

Dakloze mensen

Dakloze mensen relatief

x 1 000

%

x 1 000

%

x 1 000

%

Totaal personen

26,6

100

30,6

100

33,0

100

Geslacht: mannen

21,7

82

24,5

80

27,3

83

Geslacht: vrouwen

4,9

18

6,1

20

5,6

17

Leeftijd: 18 tot 27 jaar

5,0

19

6,2

20

6,2

19

Leeftijd: 27 tot 50 jaar

16,1

61

18,6

61

20,0

61

Leeftijd: 50 tot 65 jaar

5,4

20

5,8

19

6,7

20

Herkomst: geb. in NL, ouders in NL

9,9

37

10,9

36

10,9

33

Herkomst: geb. in NL, ouder(s) in Europa

0,6

2

1,0

3

1,0

3

Herkomst: geb. NL, ouder(s) buit. Europa

5,6

21

6,2

20

6,0

18

Herkomst: geboren in Europa (excl. NL)

1,3

5

2,3

8

2,9

9

Herkomst: geboren buiten Europa

9,1

34

10,3

34

12,2

37

Bron: CBS


donderdag 15 oktober 2026

Beautiful world, where are you





Beautiful world, where are you van Sally Rooney draait om de vraag die de titel stelt. Het antwoord wordt niet meteen gegeven, maar komt na verwikkelingen en onhandigheden waarin de mens zo kan uitblinken. Het is Rooneys derde roman (van vier tot nu toe). Ze schrijft over mensen en daarmee ook over die ruis.

Kortweg gaat het boek over vier net niet meer jonge mensen en hun relaties. Het verhaal speelt zowel in Dublin als aan de kust van de Verenigde Staten. In dat laatste land woont schrijfster Alice in een groot huis. Ze zoekt er rust nadat ze geestelijk is ingestort. Ze vindt er Felix en schrijft e-mails naar haar Ierse vriendin Eileen. Die laatste heeft de moeizame verhouding 
weer opgepakt met Simon die ze al kende toen ze nog een meisje was.
     De mails vormen hele hoofdstukken en bieden de gelegenheid emotionele, politieke en culturele vragen – zoals wat is de rol van de schrijver – op te werpen en erin naar een antwoord te zoeken. De e-mail die als reactie wordt verzonden kan eerdere visies van commentaar voorzien, bevestigend zowel als kritisch. In een van die mails schrijft Eileen dat ze niet vreest te sterven als daar iets goeds uit voort komt. Ze krijgt daarop de korte en bondige reactie van Alice:
“Sterf niet voor de revolutie. Leef ervoor.”
     Ook snelle app berichten duiken in Beautiful world.... op. Inmiddels is appen de gewoonste zaak; vrijwel iedereen leeft met dergelijke communicatie kanalen of wordt er door geleefd. 
Dichtbij en veraf
De mooie wereld is dichtbij én veraf. Dichtbij zijn de vriendschappen, de liefde en seks. De vrijpartijen worden veel en ronduit beschreven, van het uit de kleren stappen, de handelingen, tot aan de intimiteit die erbij komt kijken. Het is wel eens wat veel. Maar het heeft een functie; het toont genot in een wereld die buiten somber is.
     Ver verwijderd is de wereld waar zorgzaamheid en verdeling de dienst uitmaken. De gang van zaken op de kloot loopt zo fout dat Eileen zich afvraagt of een mens zich niet beter volledig op het zoeken naar verbetering daarvan kan storten in plaats van op frivoliteiten als de eigen familie, vrienden en geliefden. De menselijke samenleving staat immers op instorten en als we niet willen sterven dan moet daar wat tegen ondernomen worden. Maar is serieuze politieke actie nog wel mogelijk, twijfelt ze in een mail. De avond voordat ik deze passage las hoorde ik Moor Mother (Camae Ayewa) in het Amsterdamse
OCCII nog zegzingen: “Ze denken dat we wanhopig zijn.” Het was een bezwering van de loodzware werkelijkheid die velen, zoals Eileen, overvalt. Waar zit de kier in die wanhoop? Rooney verstopt die vraag uit onze realiteit minder dan het genoemde avant garde hiphop-jazz trio het deed door er glans overheen te wrijven; ze brengt hem kaal en hard naar voren.
     Maar ze lijkt uiteindelijk met het makkelijkste antwoord te komen. Wat heeft de wereld aan getheoretiseer over de staat waarin ze verkeerd?
“Dat helpt niemand.” Je kan beter naar een prettig leven zoeken met huisje, boompje beestje en de wereld de wereld laten. (p. 212)

Communiste

Eileen noemt zichzelf communiste. Deze politieke houding wordt in deze roman sterker uitgewerkt dan in haar eerste Conversations among friends. Daar bleef het hangen in een levenshouding. Hier komt het onder meer naar voren in een gesprek over de werkende klasse tijdens een verjaardagsfeestje in een café. Als een van de feestvierders zegt dat geen van de aanwezigen tot de werkende klasse behoort, omdat een werkende huurder zijn je niet tot arbeider maakt. Reageert Eileen sarcastisch: 

“Tja, werken maakt je niet tot deel van de werkende klasse. De helft van je inkomen besteden aan de huur, geen bezit hebben, uitgebuit worden door je baas, niets van dit alles maakt je een deel van de werkende klasse, niet waar? Dus wanneer wel, als je een bepaalt accent hebt, zoiets?” (p. 103)
De Mail Online liet zien hoe communistisch de schrijfster wel is door een serie citaten uit haar boeken te vissen. Daar tegenover of naast staan echter ook andere visies die de vangsten een andere betekenis geven. Dat ontbreekt voor het gemak in de conservatieve publicatie.
     Maar Rooney* is inderdaad een radicaal die zich hult in een literaire mantel. Woorden die over tafel rolden tijdens hetzelfde verjaarsfeest sieren het Mail Online lijstje (het citaat hierboven ontbreekt). 
Het boek is uitgesproken, maar niet eenduidig en breder dan een lijstje past. Er wordt ingegaan op teloorgang van 'n samenhangende maatschappij als wordt geschreven over het bijna spoorloos verdwijnen van een cultuur langs de Middellandse Zee eeuwen voordat onze jaartelling begon. Literatuur is doorgaans geen grabbelton die je leeg kan halen voor politieke agitatie.
     De schrijfster lijkt zich evenwel niet neer te leggen bij een situatie waarin mensen worden onderdrukt. Je kan wachten tot het antwoord daarop zichzelf aandient. Maar dat zou wel eens onvoldoende kunnen zijn. Wat het antwoord is? Eileen zou het het niet weten, zo staat in een mail.
      Identiteitspolitiek komt ook voorbij, die wordt op waarde geschat, maar ze heeft weinig om het lijf als geen vragen worden gesteld waar de identiteiten vandaan komen en welk doel ze dienen. (p. 75) De roman is daarmee doordachter en inclusiever dan de mening van veel verkrampte socialisten die alles wat afwijkt van hun oude vormen, 
gedachten, analysekader en gerichtheid op een duidelijke klasse als afleiding van 'de strijd' zien.

Om het genieten van leven en het vrezen van de kladderadatsch en de bedreiging van het overleven van de mens als soort draait het boek. Genoten wordt er van seks, in de werkelijkheid maar eveneens in de fantasie, van vriendschappen en van gesprekken. Door die aandacht voor seks is het boek op het erotisch broeierige (
steamy) af, schreef Susannah Goldsbrough in de Daily Telegraph: ““Brilliantly done: gripping, steamy, unbearably sad.” Die omschrijving is een van de blurbs die in het boek zijn opgenomen. Die explicite seks is dan wel zeer aanwezig, maar het boek is veel meer dan dat. Het roept vragen van onze tijd op. 

Fenomenen
Hoe verandert de digitale revolutie onze visie op tijd? De tijd is niet meer een serie contant doorlopende ontwikkelingen, maar wordt steeds vernieuwd, waarbij wat was snel zijn waarde verliest en uit beeld raakt. Berichten van gisteren zijn geen berichten meer en zekeer niet langer relevant. Het is een herkenbaar fenomeen. Hier is het een onderwerp dat wordt besproken in een van de e-mails. Door de veranderde houding tot de tijd, wordt een speelfilm anders bekeken; worden fragmenten geplaatst naast bekende werkelijke gebeurtenissen en niet als delen in een zelfstandig congruent verhaal gezien.

Een heel ander fenomeen wordt aangeroerd in een gesprek tussen Alice en Felix. Alice is boos en verontwaardigd. Het is gekomen na haar ineenstorting. Ze was de controle over zichzelf kwijtgeraakt. Die boosheid schijnt te zijn verdwenen als Alice weer een rol heeft gevonden die bij haar leven en mogelijkheden past. Is het zo simpel en tegelijkertijd zo complex om die boze houding kwijt te raken? 

De schrijver
De rol van de schrijver is niet om uit de samenleving te stappen en om vanaf een verheven cultureel podium de gewone mensen te beschrijven, maar om er midden in te gaan staan. En dat eerlijk te doen. De werkelijkheid wordt echter vaak juist genegeerd, het gaat niet om de belangrijke zaken, maar bijvoorbeeld of de protagonisten al dan niet bij elkaar blijven. Dat het grootste deel van de wereldbevolking in toenemende mate wordt uitgebuit dat is geen thema voor een succesvolle roman, schrijft Alice aan Eileen. Schrijfster Alice krijgt er genoeg van om in die mallemolen mee te draaien.

“En om mezelf nog meer op het vervelende af uit te leggen,” schrijft Alice aan Eileen om een psychologisch relationele ontwikkeling in het leven van de schilder Manet en de relatie met zijn voornaamste model te duiden, dat is de impressioniste Berthe Morison. Zo wordt de lezer op iets gewezen wat mogelijk gemist werd in de tekst. Juist zo'n misschien irritante uitleg zorgt ervoor dat je als lezer aangespoord wordt beter te lezen. Het zorgt voor een wisselwerking, en relatie, tussen schrijver en lezer. Later komt Alice op die band terug: “Persoonlijk moet ik veel inzet geven aan het lezen en begrijpen wat ik lees en het allemaal lang genoeg in mijn geheugen houden om het boek zinvol te kunnen volgen.” Lezen is geen passieve bezigheid, maar actie die voldoening kan geven. De Beautiful world... geeft de lezer leesaanwijzingen. Hij is geen consument maar een deel van de activiteiten met betrekking tot het boek.
Fijne dingen
Vooral rond de zich ontwikkelende relaties vond ik het boek wel eens langdradig. Ik merkte dat de seks scenes van opwindend naar een gewoon gegeven gingen. Felix roept 
meer spanning op juist doordat hij buiten het schema van lezen voor intellectuele ontwikkeling valt en een ruwe levenshouding heeft. Hij oogt misplaatst. Wat wil hij met Alice? Is hij niet gevaarlijk?
     Nog enige tientallen pagina's te gaan en de uitwerking van de thematiek leek me tegen te vallen; ze slaat dood. Er is geen uitweg uit de wanhoop, niet door cultuur, niet door politiek en niet door het geloof. Er is de uitvlucht door seks, vriendschap en plezier. Dat alles wordt door het individu ingezet ten eigen bate. En de wereld? Die gaat tegelijkertijd naar de haaien en de protagonisten doen daar aan mee.
     Uiteindelijk is het geen optie de wereld de wereld te laten:
“We moeten proberen een wereld te creëren waarin de nieuwe bewoners, de kinderen kunnen leven.” Inderdaad cynisme en hedonisme zijn luxe keuzes. In driehonderd zevenendertig pagina's kan Rooney niet om die conclusie heen. Maar er moet ook plaats zijn voor vrienden, plezier en genot. Lezen is een van die fijne dingen in het leven. Dat geldt zeker ook dit boek.

Noot:
* Onlangs schreef ze het nawoord in het boek 
The Gaza Tribunal: Britain's Complicity in Genocide door Jeremy Corbyn, Neve Gordon and Shahd Hammouri. 
      Rooney's boeken werden half oktober 2026 uit de schappen in het Verenigd Koninkrijk gehaald. Rooney steunt immers Palestine Action en dan ... ja dan moet de vrijheid van meningsuiting, zelfs van literatuur, wijken voor de goede band met Bibi en zijn misdadige kornuiten. Elders zijn ze nog steeds wel te koop. 

maandag 12 oktober 2026

Achtergebleven


Enige jaren geleden ging ik zwemmen, ook als het badseizoen al over was. Nu zie je steeds meer mensen die lekker door blijven zwemmen. Ook vandaag weer (met de op de achtergrond het havenlicht van de zuidpier van IJmuiden dat ik deze week ook in een TV-reclame zag). Anderzijds, iedereen speelde al jaren CD's terwijl hier in huis nog cassettes gedraaid werden en LP's op de draaitafel lagen. Uiteindelijk kwam er toch een CD-speler van de kringloop. Ze waren er volop.

De magnetron was al jaren lang ingeburgerd in de keukeninventaris toen hier het eerste exemplaar binnenkwam. Die ging al snel kapot. De man van mijn moeder repareerde hem met een onderdeeltje van iets meer dan een euro. Bijna 20 jaar later doet hij het nog steeds.

Op de fiets word ik voortdurend ingehaald door racefietsen en E-bikes. Fietsen zonder Essent, Vattenfall of Greenchoice gebeurt bijna niet meer. Vrijwel alle fietsen zijn motorfietsen geworden. Hier ook met de tijd mee gaan? Nee liever nog niet.

Maar wie zelfs de dahlia in zwart-wit laat zien, is hopeloos als het om meegaan met de tijd gaat.




vrijdag 9 oktober 2026

Donderdagmiddag. Halfvier.


<


Donderdagmiddag. Halfvier. is een kwart eeuw geleden geschreven door Kristien Hemmerechts
. Het is een boek met een missie die op de achterkant is verwoord:
“Ik heb dit boek geschreven omdat ik stilaan geloof dat de belangrijkste relatie die een mens in zijn of haar leven kan hebben, die met zijn of haar kinderen is, ongeacht het succes of het falen ervan. Meer en meer geloof ik dat ouders onvoorwaardelijk van hun kinderen moeten houden, hoe moeilijk dat soms ook kan zijn. Dit boek is dan ook opgedragen aan alle kinderen, en dus aan ieder van ons.”
Het is een opdracht die doet denken aan Woutertje Pieterse, ook een boek dat pleit voor werkelijke aandacht voor kinderen. Donderdagmiddag... laat zien dat de inzet groot kan zijn, maar dat door toevalligheden en invloed van buiten af een goede afloop niet gegarandeerd is. Dit is echter geen reden de aanbeveling van Hemmerechts ter zijde te schuiven.

Ze had het boek ook op kunnen dragen aan de mannen met het advies beter rond te kijken en niet alleen zichzelf te zien en wat beter te luisteren zodat ze meer voor hun omgeving zouden kunnen betekenen. Je ontkomt ook niet aan de opwellende wens dat vrouwen zich zouden ontplooien en niet vastplakken aan bijvoorbeeld het bakken van patatfriet. Dat laatste gebeurt in de roman, maar de vrouw in de fituur is niet alleen, een ander zoekt wel ruimte voor zichzelf.

Op donderdagmiddag om halfvier rijdt Damien, vaste prik, met zijn camionette over het plein van een Vlaams dorp. Hij geeft op die middag typeles op de plaatselijke lagere school. In zijn bestelauto staan de machines. Typen is alles, bijna de basis van het leven, voor hem. Computers worden door afgedaan als minderwaardig: zíjn machines zijn je-van-het met hun lange armen en doordachte mechaniek en met toetsen die een vasteplek hebben (Als Sien Die Fijne Gulden Haar Jongen Kan Lenen, leerde ik als veertienjarige) op het enigszins rondlopende klavier.
     Damien is een in zichzelf verloren man die de frietenbakster Anna vraagt met hem uit eten te gaan. Ze overweegt, ze twijfelt, en als ze op het punt staat mogelijk positief te antwoorden, dan komt er toch iets tussen dat haar verontrust en haar mening over Damien beïnvloed. Een en ander leidt ertoe dat het etentje toch niet door kan gaan.

Aan de camionette wordt buiten de roman om (in een 'Bericht aan de lezer') aandacht besteed. De boekenwurm moet niet denken aan wat Van Dale onder de term vat: een gewestelijk woord voor bestelwagen. Het gaat hier niet om zo'n zakelijk voertuig, maar om een nogal versleten exemplaar dat er in de verte nog aan doet denken. Hij speelt een grote rol in het verhaal.
     In hetzelfde bericht wordt ook gesteld dat er wel meer woorden uit de streektaal worden gebruikt in het boek. Hemmerechts haalt zelf 'schuren' als voorbeeld aan, wat bij haar voor schrobben staat (en een ander aan schuifelen doet denken, maar de context wijst de weg). Zelf struikel ik over het woord pissijn (voor urinoir). Die openbare plasplekken worden door Anna regelmatig geschuurd met javel (dat is een bekend soort bleekwater) wat volgens de groenen slecht zou zijn voor het milieu. Hier botsen twee werelden op elkaar: de behoudende van we hebben het kuisen altijd zo gedaan, en die van het moet beter, meer verantwoord. Die botsing is in de afgelopen 25 jaar alleen maar sterker geworden.

De roman zit vol verhalen. De zoon van de sleutelmaker vertelt als een ware Hans Christian Andersen sprookjes. Dat heb je met de oosterlingen, zo meent men in het dorp. Hij corrigeert: van Marokkaanse afkomst betekent uit het zuiden en Andersen en de bekende verhalen verzamelaars, de broers Grimm, waren ook geen oosterlingen. De schrijfster kan zich via Hassan uitleven en zo moralistische sprookjes door het boek strooien.

De kinderen in het dorp worden geconfronteerd met ruziënde ouders, beknottende en kleinerende regels, een overdreven aandacht voor veiligheid, een aan de drank zijnde leraar, een kwal van een typeleraar, paters en geheimzinnigheid over wat niet vertelt mag worden, omdat het niet zou horen. Het zou beter kunnen, veel beter, zo laat Hemmerechts op een prettig leesbare manier zien.
     Als Karen, een van de lagereschoolleerlingen, wordt gedood dan leidt dit op een beeldende manier tot aandacht voor rouwverwerking:
“Nooit zou ze onder de levenden terugkeren. Het was te vroeg om dat onder ogen te zien. Of om het te begrijpen. Karen was ook nog niet helemaal weg. Iets van haar hing nog in de lucht die zij zo kortgeleden had ingeademd. Een gevoelig trommelvlies kon de echo van haar lach opvangen. Er zaten kleren van haar bij de was. Iemand had zondag nog een mailtje van haar ontvangen dat ergens bij een server was blijven hangen. In de koelkast stond de fles cola waar alleen Karen van dronk. De lakens waartussen ze het laatst had geslapen lagen ongewassen op haar bed. In de recorder zat de band met de film waarvan ze donderdagochtend de opname had geprogrammeerd (…).”
Je zou tegenwoorig toevoegen, ze zat nog als contact in WhatsApp met daaronder haar berichtjes. 
     Het boek sluit af met haar vertrek uit de wereld waar ze nog een aantal dagen rondwaarde. Langzaamaan wordt afscheid genomen. Klasgenoten zouden later nog aan haar terugdenken.
      De dood weegt zwaar, maar niet veel zwaarder dan de normale beperking in de omgang, al lijkt het oppervlakkig gezien wel zo. De lezer ziet vanuit de Hemmerechtshelikopter dat er meer is dat kinderen en een ieder van ons verstikkend bekneld. Karen gleed tenslotte de Donderdagmiddag... uit.

donderdag 8 oktober 2026

Steekterbrug



De kortste, rustige route tussen Amsterdam en Dordrecht of Zwijndrecht loopt via de Steekterbrug bij Alphen aan de Rijn. Je kwam daar tot voor kort in een wonderlijke situatie van kort afdalen, tunneltjes en weer klimmen en weer dalen. Vervolgens kwam je na een containeropslagterrein terecht op een klein fietspad langs de Gouwe naar Boskoop. Inderdaad, je kan ook vanaf de fiets denken.

Het is een tocht die langs water gaat; van Amstel, via Aarkanaal, en Gouwe over de Lek, Noord of Beneden Merwede en Oude Maas. Rivieren – alle water – in je tocht zorgt ervoor dat je gebruikt moet maken van tunnels, bruggen en ponten of moet omrijden. Hoofd- en autosnelwegen zijn de moderne rivieren van deze flitstijd, waarlangs mensen en vracht zich verplaatsen. Een brug over zo'n hoofdweg is hier het knelpunt voor de wielrijder. En het water? Dat is door de klimaatcrisis juist een dreiging geworden die door werkzaamheden beteugeld moet worden of het staat te laag. Je kan alles omdraaien, is hier blijkbaar de wijze les.

Al eerder had ik het over de werkzaamheden aan de Steekterbrug (en het water). Er was nog een geitenwandelpaadje langs en daarover kon je weer op het vervolg van het fietspad komen. Het scheelde een stuk om. Je zou denken dat er een oplossing aangelegd zou worden voor fietsers en voetgangers. Er is ruimte voor. Maar als onvoldoende mensen met invloed zich ervoor inspannen dan komt dat er niet. De auto's razen er wel 4-baans voort. Maar die hebben een E-factor en zijn in de beleving van velen (inclusief beleidsmakers) van groter belang. (Overigens passen in die E-aanpak ook de brede fietspaden voor mensen die op de tweewieler (aangedreven door elektra of niet) naar hun werk of school gaan. Dat is dan weer wel winst.)

Op de heenweg ging ik nog over dat geitenpad. Het gaat nog steeds, dacht ik verheugd. Op de terugweg twijfelde ik; zal ik maar niet een andere route nemen: wat om via zus-of-zo? Bij Boskoop ging ik de hefbrug over en meteen links af; mijn keuze was gemaakt. Ik zat op de route naar de Steekterbrug. Daar bleek de boel afgezet alsof het een militaire aanval moest weren. Bij de mega zandzakken stond een bordje dat het wandelpad ook afgesloten was. Wandelaars konden dat immers niet begrijpen en over die meter hoge zandzakken klauteren.

Vanaf nu wordt het een zo gunstig en veilig mogelijk alternatief zoeken om dit knelpunt heen. Het had anders gekund, maar Nederland fietsland kiest niet altijd voor wat al lang niet meer bij het nationale imago hoort, dat was ooit. De fiets is bezig met een internationale opkomst. Maar de wet van de remmende voorsprong laat zich weer zien in dit landje in de delta.
     Bestaat er eigenlijk een fietsersbond afdeling in Alphen aan de Rijn? Die is er. Hij verklaarde onlangs dat de toekomst op deze plek voor fietsers minder veilig wordt en deed een oproep dit te veranderen.