zaterdag 16 december 2017

Snertweer




Het miezert en de lucht is grijs. Boven de horizon probeert het grijs zoveel mogelijk tinten aan te nemen. Het verlangen naar een kop snert groeit. De strandtent is niet ver weg.

Het is een plek voor de zomer. Mijn verjaardag wordt er gevierd met een broodje hamburger, maar dat ging dit jaar niet door wegens eerst vakantie van huisgenoten en daarna voetkwalen bij mezelf. Dan mag ik nu wel uitspatten.

Er zit €10 in mijn portemonnee, dat moet ruim voldoende zijn. In de winter zijn de terrasdeuren dicht. Dat terras is een bende, het houtwerk heeft een lik verf nodig en in het duin staat een graafmachine.

Als ik binnenloop bestel ik meteen de erwtensoep. De bediening heeft een positief bericht op de rug: maak je eigen zonlicht, maar dan natuurlijk in het Engels (dat klinkt overtuigender). De zon gaat buiten in het echt schijnen, maar het is bitterkoud, dat heb ik gevoeld. Binnen is er een plekje naast het houtvuur. Er gaat nog wat extra hout bij. Een beetje opwarmen, na een koude zwampartij. Lekker!

De snert komt al snel, bruin van kleur alsof het groen eruit verdwenen is, maar met twee stukjes roggebrood met spek ernaast op een schotel. Daarvan eet ik er een op. Dan een hap. Zout als de zee. Waterig als de zee. Dan begrijp ik ook waar de groene kleur is gebleven; de erwten zijn eruit gelopen. Het doet denken aan de zee uit Water van René ten Bos. Opeten heb ik vanaf de paplepel geleerd. Nog een hap. Nee. Nog één dan. Smaakt ook niet. Dan geef ik het op - het voelt vies, alsof je een douche nodig hebt - en ik vraag of ik kan betalen.

“Was het niet lekker,” vraagt de jongeman met het opgewekte shirt. “Ik vind het niet eerlijk als u daar voor moet betalen,” zegt hij meteen, maar voegt er wel aan toe: “Ik kreeg er juist zoveel complimenten over.”
Die opmerking kon ik echt niet begrijpen. Het zou wel aan mij liggen.
“Doe dan maar de helft,” bied ik aan om er vanaf te zijn.
“Nee, nee, nee,” is de reactie en hij loopt weg naar een serveerster die kennelijk de leiding heeft. “O wat jammer mijnheer. Wilt u wat anders? Iets drinken misschien.” Betalen hoef ik niet.

Zeuren over eten is niet zo mijn ding en mensen die het eten terugsturen of afkeuren vind ik doorgaans verwende nesten, maar ik wil hier weg en hoop dat ze de pan leeg gekieperd hebben. In de zomer maar terug, als de omloopsnelheid meer recht doet aan het eten en het terras weer open is. O ja, ook niet zo mijn ding; eten wegzwiepen. Het duurt wel even voordat ik me weer een schoon gevoel gefietst heb.

vrijdag 15 december 2017

Buizen en bemaling: Leendertse op herhaling (40)

Leendertse Sassenheim grondbemaling (geen website) in Amsterdam-Noord.

donderdag 14 december 2017

IJveer 33





IJveer 33 werd in 1988 Allship marinespecials in Berkhout gebouwd.
Het is een van de vier Amsterdamse veerponten die aan één kant worden op- en afgegaan. 



woensdag 13 december 2017

Winterkost


De grens was getrokken met een sneeuwwal. Halfweg keerde ik om. Achter de wal was het te glad om te fietsen.

Geen strand vandaag en niet zwemmen in zee. De valk vloog op het keerpunt weg. Ik was nog op tijd thuis om mee te rijden naar de kamer van mijn zoon en om te lezen hoe je een dynastie opbouwt.

De spuitjes stoven een zware lucht. Met aardappels wordt het winterkost.


Iedere woensdagmiddag fiets ik naar het strand, neem een duik en fiets weer terug. Op Facebook plaats ik later vrijwel altijd een aantal foto's. Eén daarvan plaats ik hier.