vrijdag 1 mei 2026

Little Boy Lost

Little Boy Lost is geschreven door Marghanita Laski. Ik lees een versie met een fraaie cover (zie illustratie) uitgegeven door Heineman Educational Books. De tekening van de jongen stond al op de oorspronkelijke uitgave. In het verhaal wordt geschreven over zijn grote ogen. Op de tekening van Vicky* zijn die niet te missen. De titel is afkomstig van William Blake die in 1789 Songs of Innocence uitgaf waarin het gelijknamige gedicht met tekening was opgenomen.**

Het boek is opgebouwd uit vier delen: Het verlies, Het zoeken, De beproeving, en Het oordeel. Die titels vatten het geheel samen en geven het vorm.
     Op de eerste pagina denk ik: 'dit zal een mooi boek worden'. Er wordt beschreven hoe een gezicht in het kaarslicht een andere uitdrukking krijgt. Maar het spreekt vooral aan door de daarop volgende vraag van de hoofdpersoon Hilary Wainwright*** of ook zijn gezicht is veranderd in
die gloed en hoe anderen hem dan zien. In deze passage gebeurt nogal wat. Hij ziet een ander in dat kaarslicht, en reflecteeerd vervolgens over het voorkomen van zichzelf, een persoon die hij niet kan zien.
     Even later vind ik het verhaal zich ontwikkelen naar te sentimenteel en te gemakkelijk. Mijn verhouding tot het boek blijft zo schommelen. Er is een 
kort drakerig slot, waar een meer open einde mooier was geweest.
     Maar het gaat naast het aandoenlijke ook over de hardheid van het bestaan in het naoorlogse Europa, zeker voor kinderen. Dat Hilary Wainwright naar zichzelf zocht na zijn verlies in de oorlog is een belangrijk thema in het boek.

Film
De filmrechten werden door Laski al snel verkocht. Vier jaar later kwam de film uit. Het werd een musical met Bing Crosby in de hoofdrol. De schrijfster was woedend over wat ervan gemaakt was. De dieper gravende morele vraagstukken waren verdwenen en de sentimentele zoektocht van een vader naar zijn zoontje bleef over. 

Verdwenen
De jongen, Jean, leeft in een weeshuis, waarheen hij is gebracht door een wasvrouw die hem tijdelijk opving. Via via was hij bij haar terecht gekomen. Hij was in eerste instantie weggebracht toen zijn moeder vreesde gevaar te lopen vanwege haar verzetswerk in het door de Duitsers bezette Parijs. De vader heeft hem alleen op de dag van geboorte gezien en is in 1940 naar zijn vaderland, Engeland, vertrokken. Daar wordt hij geïnformeerd door de ambassade  over de dood van zijn vrouw Lisa. Tijdens een kort bezoek van de Franse verzetsman Pierre wordt hij bijgepraat over het tijdelijk onderbrengen van zijn zoon bij zijn geliefde – en ook omgekomen – Jeanne.
     Jeanne is een idealiste en vind dat doel en middelen met elkaar in overeenstemming moeten zijn. In zijn verzet is geweld onderdeel. Pierre en zij hebben vlak voor haar arrestatie een doel-en-middelen ruzie. Het er voor zorgen dat de baby van haar vriendin Lisa bij de vader terecht kan komen, is in haar ogen zo'n positieve en goede activiteit. Als ook Jeanne door de Gestapo wordt opgepakt en geliquideerd zijn de sporen naar het kind verdwenen. Pierre beloofd Hilary te helpen bij het terugvinden. 

Bedolven
Na de oorlog heeft Hilary echter geen haast met het zoeken. Hij is bang dat een kind zijn herinnering aan zijn vrouw zal bedelven. De oorlog heeft zijn geluk en idyllische leven gesmoord. Hij leeft bij zijn moeder die hij in het al genoemde kaarslicht ziet veranderen van een vrouw met een koude vijandigheid op haar gezicht, die hij bitter moet weerstaan, naar een vrouw met een gelaat dat troost en liefde uitstraalt, maar slechts als de omstandigheden ideaal zijn. Hij heeft een baan die hem slecht bevalt. Wat overblijft zijn de herinneringen aan zijn fijne leven in Parijs met Lisa als zijn echtgenote. Die gedachten werken voor hem als een drug. (Zijn nieuwe liefde Joyce heeft die het verleden bedwelmende invloed blijkbaar niet, ook niet na een paar jaar relatie.) Hij vertrekt met al zijn twijfels begin 1946 toch naar Parijs en wordt inderdaad geholpen door Pierre, die al veel voorwerk heeft gedaan. 

Acceptatie
Hij laat de voormalige verzetsman in Parijs achter en gaat op grond van Pierres aanwijzingen naar het weeshuis in A. Daar is een jongen die aangewezen als zijn mogelijke zoon. Iedere dag haalt hij Jean op in het weeshuis en loopt met hem het stadje in om te kijken naar de treinen, een glas te drinken, of zelfs naar de kermis te gaan. De spanning van het boek is opgebouwd rond de vraag: accepteert hij Jean wel of niet als zoon. 

Principes
Hilary is een befaamd Brits dichter. Een man van de gedachte en van het woord. Hij blijkt ook een man die zelfgenoegzaam in zijn eigen links progressieve intellectuele bubbel leeft. Anderen houdt hij zoveel mogelijk op afstand. Als blijkt dat Pierre voor De Gaulle heeft gekozen, dan kan die niet deugen, zo vindt hij wars van ruimte voor nuance. Pierre zelf houdt zich in het naoorlogse Frankrijk op de been door het standpunt dat de houding van mensen niet door de komst van de Duitsers werd bepaald, maar zich al lang daarvoor in hen genesteld had. Mensen onderscheiden in collaborateurs en verzet had wat hem betreft dan ook geen zin. Hilary staat volledig, als wereldwijs man uit één stuk, voor zijn zaak. Een leraar in het weeshuis die ervoor kiest zijn leven in A. op het Franse platte land te leiden, dat moet wel een bekrompen man zijn, zo meent hij dan ook en zet hem daarmee gemakkelijk weg.
      Als het om zijn eigen genot gaat blijkt hij flexibeler. Zijn eten en koffie moeten vooroorlogse kwaliteit hebben en komen daarom van de zwarte markt. Maar de buigzaamheid is nog sterker als het gaat om seks. Hoe meer zijn lustobject Nelly blijkt niet te deugen (ze was waarschijnlijk prostitué voor de Duitsers) hoe fijner hij haar vindt, juist door de afstand die dit tot zijn persoon creëert, hoeft hij niet bang te zijn dat het naast een lust- ook een liefdesrelatie wordt. Maar de uitspatting met haar gaat mogelijk wel een vaderband met Jean voorkomen. 

Jean
Jean blijkt een slim en grappig ventje als hij op zijn gemak is. Maar is hij niet te wijs als hij terloops verhaalt hoe andere jongen bezocht werden en meegenomen door mannen die hun teruggekeerde vaders bleken te zijn? En daarmee suggereert dat die keuze ook door Hilary gemaakt kan worden. Of ontwikkel je als kind in een beknellende en moeilijke situatie al op je vijfde dergelijke strategieën om zo naar iets beters te kruipen? (Böll had het er in het geval van Heinrich in het boek dat ik hiervoor las, Huizen zonder vaders, dat in dezelfde tijd speelt, ook al over de bijna volwassen inzet van jonge kinderen.)
    Parijs en Frankrijk kort na de Tweede Wereldoorlog worden als een deprimerende omgeving beschreven waarin veel op de zwarte markt moet worden gekocht tegen hoge prijzen en waar mensen nog in de wantrouwige overlevingsstand stonden en daarbij wisten wie fout was geweest. Juist in die omgeving moet Hilary zijn zoon en bestaansreden terugvinden en dat gaat niet door afwijzen, maar door het waarderen van mensen. 
Film
Het scenario voor de film die regisseur George Seaton van het verhaal maakte, verschijnt als vanzelf als je het verhaal door het hoofd laat spelen en de filmposters bekijkt. Je hoeft daarvoor de mening van de schrijfster erover niet te kennen. Je ziet in dat beeld op het affiche ook dat veel hakende rafels van het verhaal zijn afgepoetst en dan blijft inderdaad het sentimentele over. Laski's boek heeft het drama zeker in zich, maar is meer dan dat. Door dat meeslepende verhaal, gecombineerd met keuzes die mensen kunnen maken, is het een boek voor een breed publiek.

De schrijfster
Achter op de Penguin uitgave staat een biografie van de schrijfster, maar ik voeg de tekst toe uit een bespreking op de site The book binder's daughter: “Engelse journaliste, radiopanellid en romanschrijfster: ze schreef ook literaire biografieën, toneelstukken en korte verhalen. Laski kwam uit een vooraanstaande familie van Joodse intellectuelen: Neville Laski was haar vader, Moses Gaster haar grootvader en de socialistische denker Harold Laski haar oom. Na een tijdje in de mode te hebben gewerkt, studeerde ze Engels in Oxford, trouwde vervolgens met uitgever John Howard en werkte in de journalistiek. Ze begon met schrijven nadat haar zoon en dochter waren geboren. Als bekend criticus en romanschrijfster schreef ze boeken over Jane Austen en George Eliot. Ecstasy (1962) onderzocht intense ervaringen en Everyday Ecstasy (1974) de sociale gevolgen ervan. Haar karakteristieke stem was vaak te horen op de radio in The Brains Trust en The Critics.”

Noten:
* Tekenaar
"Vicky" (Victor Weisz), vluchtte uit Nazi-Duitsland en maakte de cover illustratie voor het boek, waaruit bij deze uitgave de jongen op de voorkant is geknipt. De tekening is in veel van de uitgaven verwerkt.
** Er is zijn verschillende exemplaren van het gedicht, met een eigen drukdatum, volgorde in die specifieke band van de dichtbundel. Wiki geeft een zevental versies. Ik koos als illustratie een versie uit 1794 die in het bezit is van Yale Center for British Art.
*** De naam Hilary Wainwright ken ik als die van een politiek activiste en redactrice van de Red Pepper. Ze is geboren in 1949 als ook dit boek verschijnt.

Langer en anders

 



Het voelde als een stap over een flinke drempel: de fietstocht naar mijn moeder en zus die beide in dezelfde Zuid-Hollandse stad wonen. Een tochtd met eel water. Het gaat langs de Amstel, Aarkanaal, Gouwe, Gouwekanaal, Hollandse IJssel, Noord, en over de Oude Rijn en Beneden Merwede (spoorbrug heen en pont terug) en een veer over de Lek. Nederland is een waterland en het is fijn er weer langs te trappen en er over te gaan.

Hoewel. Het begon met een afgesloten pad naar het Amsterdamse Bos. In dat bos lag wel een nieuwe zesbaans fietsroute. Dat pad was er nog niet toen ik er een halfjaar geleden voor het laatst was. Maar ook die liep weer dood op werkzaamheden aan het pad langs de niet meer in gebruik zijnde spoorlijn. Het duurt even voordat ik weer op mijn route zat.
     Bij Alphen aan de Rijn wordt gewerkt aan de Steekterbrug. De volgende hindernis om over te komen. Het lukt over de weg (N207) en een stuk stoep. Zo kom ik weer op de omhooglopende weg richting fietspad langs 't Gouwekanaal.
     Pas bij de Julianasluisbrug bij Gouda gaat het weer mis. Als ik er voor het weg gesloopte pad sta en niet verder kan, vraag ik de regelaar of het mag als ik afstap en er over loop. Het mag. Op de terugweg blijkt dat deze coulance een flink verschil maakte. Ik fiets dan langs de andere kant om de lang gerekte werkzaamheden aan de oever van de Hollandse IJssel met omleidinkjes en stoplichten te vermijden. De werkzaamheden rond de sluisbrug blijven een obstakel.
     Hindernissen maakten de route flink langer, maar ook anders.

Aan de west oever van die IJssel kom ik op de terugweg langs een beeld. De tegenwind is hard en stoppen plezierig. Bovendien denk ik bij het aanrijden al te weten wat ik zie. Hier is de man die Zuid-Holland in 1953 redde door zijn schuit te laten zinken in een gat in de dijk en het oprukkende water zo af te remmen.

     Kort voordat vorig jaar een einde aan mijn fietsen kwam, sprak ik met een vrouw die de dochter was van een man die voor de eigenaar van het schip werkte. Evergroen heeft nog heel lang op schadevergoeding moeten wachten, vertelde ze. Hij had wel vrouw en kinderen. Zuinigheid ten kostte van. Uiteindelijk is er als schrale troost was er een beeldje gekomen en nam me toen het verteld werd al voor het eens op te zoek. Nu kwam ik door mijn routeaanpassing als vanzelf langs.

klik voor een leesbare versie.


     De beelden in Papendrecht langs de oever van de Beneden Merwede, zoals AVA 1840, de Engel en de onafhankelijke vrouw had ik al eerder gezien. Ik ben er nog niet op uitgekeken.

Tussen dit alles door loopt melkkoe 67 door een zonovergoten weiland.