Rosita
Steenbeek schreef de roman Ander
licht. Op de omslag staat het
schilderij Gezicht op Amersfoort dat in 1671 werd geschilderd door Mathias
Withoos. Om deze schilder, zijn familie, leerlingen en met
name om zijn dochter Alida onvouwt zich een roman die speelt in de periode 1671-1687. Dat is een periode waarin de Fransen
Nederland binnenvielen. Voor het gezin Withoos en entourage betekende dit dat ze Amersfoort ontvluchtten en hun heil in Hoorn
zochten.
Hoe oud Alida precies is in de zomer van 1671weten we niet. Haar geboortejaar ligt ergens tussen
1659
en 1662.
Haar jonge leeftijd belemmert haar niet verliefd te worden op de oudere leerling van haar vader Jasper
van Wittel (geboren in 1653). Die liefde wordt vriendschappelijk
beantwoord, maar voor Jasper gaat het schilderen voor. Hij vertrekt
in 1675 naar Italiƫ en wordt daar een groot schilder. Het is deze
onbeantwoorde jeugdliefde die een draad door het verhaal vormt en tot vervelens toe herhaald wordt. Het is wel een draad die
uiteindelijk weloverwogen wordt afgeknipt.
Alida ontwikkelt
zichzelf als schilder van planten en komt in dienst van Agnes Block
die bij Nieuwersluis een uitgebreide verzameling exotische planten heeft. Op haar buiten aan de Vecht schildert Alida de eerste ananas die in Europa
rijpt.* De plant is oorspronkelijk afkomstig uit Zuid-Amerika, en een exemplaar staat in een kas op de Vijverhof. In de werkelijkheid is de tekening verdwenen.
Wel is er een ananas geschilderd door Maria Sibylla Merian die
ook actief was op hetzelfde buiten en die later (1699
en 1701) naar Suriname zou vertrekken.
Alida kreeg steeds
meer opdrachten. Dat blijkt uit de roman, maar ook uit voorhanden
zijnde informatie over haar leven. Ze werkte bijvoorbeeld met dertien
tekeningen mee aan een serie van negen boeken met 425 tekeningen
in opdracht van de burgemeester Joan Huydecoper van Amsterdam en koopman Jan Commelin.
De mannen hadden samen de nieuwe Hortus Medicus (de huidige Hortus
Botanicus) in Amsterdam opgericht en wilden hun plantenverzameling
vast laten leggen.
Zoeken naar Alida en de mensen om haar
heen is nauwelijks nodig. Op het internet kom je al snel in een
dwaaltuin terecht waar je van de een naar de ander springt, van het
ene stads- of bosgezicht naar de volgende tekening met plant, insect of rups.
Agneta Block
en Maria
Sibylla Merian* zijn vrouwen die belangrijk zijn in haar
ontwikkeling. Zo noemt Maria in een gesprek het voorbeeld van de Christina
van Zweden, een Koningin die ongetrouwd bleef en zich helemaal kon
ontwikkelen. Deze Maria spreekt tot de verbeelding. Ze heeft
onderdak gevonden in een Christelijke gemeenschap van Labadisten
in het Friese Wierdum waar men sober leeft en zij de scheiding van
haar echtgenoot achter zich kan laten.
Evenals het leven van
Alida en haar omgeving leest
het leven van Maria als een verhaal. Ze onderstreept een thema
in het boek: dat de vrouw zich zelfstandig en vanuit eigen kracht
moet ontwikkelen en de zich aandienende mogelijkheden daarvoor
gebruiken. Zowel Alida als Maria kregen van huis uit wel kennis mee
die dit mogelijk maakte.
In het boek worden veel schilderijen
genoemd (en volgens de verantwoording bestudeerd door de
schrijfster), zoals Het laatste oordeel door Jacob van Campen, de
leermeester van Mathias Withoos. Het schilderij was bedoeld voor het
stadhuis van Amsterdam, maar werd daar geweigerd. Alida bedenkt als
reden daarvoor dat deze Christus wel erg van vlees en bloed is met
zijn gespierde armen, gebruinde huid en stoere kop. Na het Amsterdamse
afwijzen komt het schilderij in Amersfoort terecht.
Maar het boek gaat
ook over het mengen van kleuren. Het wonder dat al die kleuren uit de
donkere aarde komen en direct, of via bloemen, insecten en slakken, gebruikt kunnen worden als pigment voor het maken van verf. Uit die
aarde komt ook het gif dat planten en paddenstoelen kunnen bevatten.
Het schilderen daarvan kan een manier zijn om gepassioneerde boosheid
te verbeelden, merkt Alida.
Bekende mannen uit de Nederlandse
geschiedenis passeren, zoals Vondel, en de ter dood veroordeelde Johannes van
Oldenbarnevelt (met een Amersfoortse achtergrond), de gebroeders De
Witt die door het volk gelyncht zijn en de populaire admiraal de
Ruyter. Steenbeek tekent op dat de De Ruyter tijdens de vermaarde
tocht naar Chatham ziek op bed lag en de leiding van de tocht in
handen was van Cornelis de Witt. Het is een verhaal dat wat schuil is
gegaan achter de populaire geschiedschrijving, maar niet
onbekend.
Mannen ontbreken dus niet in Ander licht, maar vrouwen spelen
een hoofdrol in het boek. Naast het andere licht in Italiƫ (waar
veel Nederlandse schilders naartoe trokken, ook in deze roman), zijn
de spots dus anders gericht dan doorgaans, meer op hen die er vaak bekaaid vanaf komen. Het is jammer dat dit verhaal wat houterig is geschreven, met meer aandacht voor de historische gegevens dan voor de taal die de lezer voorgeschoteld wordt. Als je daar overheen leest dan is het toch onderhoudende roman.
Noot:
Block was zo trots op haar ananas dat ze er twee maal mee is afgebeeld, over het leven en werk van Merian zijn minstens tien romans verschenen en over Alida Withoos wordt geschreven dat er na haar huwelijk in 1701 geen gedateerd werk meer van haar bekend is en dat dit ook nergens meer wordt vermeld.




Geen opmerkingen:
Een reactie posten