Laat het morgen mooi weer zijn van Abdelkader Benali geeft weinig houvast tijdens het lezen. Dat begint al met de functie van de verteller, Malik Ben. Die is autheniciteitsheler, een beroep dat hij niet kan uitleggen en waarvoor de Gouden Gids geen categorie had en het 'vak' indeelde onder amusement. Ben richt zijn inzet op succesvolle mensen (met geld) die het spoor bijster zijn geraakt. Hij helpt hen (weer) aan zelfvertrouwen. (Inderdaad ja, het kan ook kwakzalverij genoemd worden.*)
Malik wordt door zijn vader meegenomen naar bordelen om hem seksueel in te wijden. Als hij 21 jaar oud is, wordt hij door diezelfde vader op een cruise vaart gestuurd met de aanbeveling iemand aan de haak te slaan. Het wordt een kortstondige affaire met een opgelapte Spaanse bejaarde schone met prachtige billen. Hij wordt haar honderdste bedgenoot.
Die Spaanse heeft een band met het stoomschip de Latina. Ze las erover in de krant toen het nieuw was, ze bezocht het tijdens de Spaanse burgeroorlog, en ze was betrokken bij de verzekering ervan toen ze als vluchtelinge in Zwitserland woonde. Nu vaart ze mee en het schip en de passagiers vallen haar tegen. Van de mannen kunnen alleen Malik en de barman door haar beugel. Het schip zelf heeft zijn grandeur verloren. Het nog eens oplappen is te kostbaar. De Latina vaart naar de afronding van zijn levensduur. En naar de afronding van eht leven van de Spaanse; er wacht haar aan het eind een nauwelijks geloofwaardige herstel van de band met haar broer die in dienst van Franco verantwoordelijk was voor het vernietigen van haar geboortedorp en het vermoorden van hen die er woonden.
Maliks vader heeft ook een onfrisse achtergrond. Hij was dubbelspion in het land voor het Regime zonder Kleur, waar hij de oppositiebeweging verraadde waar hij zelf deel van uitmaakte. Uiteindelijk vluchtten hij en zijn vriendin naar Nederland. Daar past de man zich aan. Hij volgt er de geldende mores, maar uitsluitend omdat dit nodig is voor zijn zakenpositie. Alleen de moeder van Malik houdt haar principes overeind. Ze weigert voor de olie industrie in haar geboorteland te gaan werken, zelfs niet als daar een stevige betaling tegenover staat. Ze gaat dood zonder haar land nog terug te zien. Verder is opportunisme en cynisme de norm. Dat wordt veelal ingegeven uit overlevingsdrang of ontplooiingsmogelijkheden die de omstandigheden bieden.
Malik reist van Tanger over de bergen naar het land van zijn ouders. Dat doet daardoor denken aan Algerije of het Rifgebergte. Toch is dat nergens beschreven of genoemd. Het blijft daardoor een denkbeeldig land. Er is een fabriek die gebombardeerd wordt omdat er chemische wapens worden gemaakt. Dat bracht mij als lezer helemaal naar de ander kant van Afrika, namelijk naar Soedan waar in 1998 een dergelijk voorval speelde, rond de Al-Shifa-farmaceutiefabriek. Dat is het voordeel van een bedacht land; je kan er van alles plaatsen en laten gebeuren. De lezer kan dit land wel willen benoemen, maar een schrijver heeft een grotere vrijheid en laat de lezer achter met zijn verhaal.
“Op 18 juli 1936 begon de Spaanse burgeroorlog.” Franco komt tot dit besluit om zich af te reageren van een mislukte seksuele daad in een Marokkaans bordeel. Franco is geen fictie. Als ik dit een paar pagina's lange fragment hierover lees, vraag ik me af of dit aan de geest van de schrijver is ontsnapt of dat het verhaal uit de werkelijkheid is, bijvoorbeeld al is opgetekend in een betrouwbare biografie. Prostitutie omringde de Francistische troepen in Noord-Afrika inderdaad, maar dit gaat een stap verder. Zo verklaart Ben de aanvang van de Spaanse burgeroorlog simpelweg vanuit persoonlijke frustratie.
Deze opmaat naar door een ideologie veroorzaakte ramp die Europa te wachten stond, omzeilt alle complexiteit van de politieke situatie van die tijd. Er is een scala aan ideologische verklaringen vanuit verschillende politieke perspectieven: klasse strijd, katholieke restauratie, conflict tussen republikeinse democratie en rechtse dictatuur (of ronduit fascisme), tussen revolutie en contrarevolutie, tussen Stalinisme en kapitalisme etc. En dus staat er al een kist vol mogelijke verhaallijnen klaar om uit te kiezen. De verklaring vanuit de slappe penis van Franco is niet alleen lui, maar ook onkies, en alleen voor domkoppen komisch. Misschien moeten we het boek inderdaad niet meer dan een schelmenroman noemen dan kunnen we hier gemakkelijker aan voorbij gaan.**
Toch is Laat het morgen... wel onderhoudend, tenminste als je over de af-en-toe rammelende taal en stijl, de spijkers die in het metaal van een schip worden geslagen, het van ijslolliestokjes in elkaar gevlochten matje van levensverhalen, en de ongeloofwaardige karakters (als er al sprake van vorming van personages is) in de pseudo intellectuele roman heen kan stappen. In het boek wordt gezocht naar een al dan niet authentieke houding in het leven. Een prachtig literair thema, zeker afgezet tegen een ethische of verwerpelijke invulling ervan. Ook dat wordt echter op de helling gezet om een andere koers te volgen. De Spaanse schone koos tegen dwingende kuisheid en ervoor “zo min mogelijk op zoek te gaan naar betekenis (…) en het volledige leven te benutten.” Wat een benepen visie.
De roman laat zien dat het niet elke dag mooi weer kan zijn en dat een kaft ook om losse fragmenten zonder veel verband kan zitten. Uitgelezen. Dat wel.
Noot:
* In de tekst onder deze link op Scholieren.com wordt ook stilgestaan bij woordenbrei die in de roman wordt aagekaart: van Kletspraat, verkooppraatjes, papegaaien tot de flauwekul op de televisie. Deze staan tegenover het luisteren, waar de autheniciteitsheler zo goed in is.
** Zoals Jaap Goedegebuure deed in het Algemeen Dagblad van 12 maart 2005. 'Schelmenroman van Benali,' AD 12 maart 2005
![]() |
| Abdelkader Benali met Remco Campert in de Kennemerduinen (bij Parnassia), februari 2012. |



Geen opmerkingen:
Een reactie posten