|
Afgelopen zaterdag zat ik in
een kerk in Amsterdam-Zuid genoemd naar de vader des
vaderlands, betrokken bij de holomodor
in de Meijerij, Willen, zowel van Oranje als de Zwijger. Daar
zag ik het met drumband uitgebreide ZEA,
Honey
Beer en het trio
Ardea Alba. Het was deel van het Kronkel festival en en op deze plek ook Burendag.
Het avond programma miste ik.
De vrouw uit het trio
Ardea Alba, Sougol Khojasteh, vroeg
ons mee te klappen en zingen met het laatste nummer. Het ging om
een religieus voorganger zo bleef hangen van haar korte inleiding op het lied. Ze zong overigens met prachtig volle stem,
nadat ze eerder een fluit, de ney
speelde met een solo waar het instrument veel van zijn kanten liet zien. Haar collega Bamsar Dezhkameh speelde de suroz.
Daarnaast speelde de Nederlandse (van Friese komaf) Dina gitaar en zong de meest nummers, waardoor
het Iraans met een Nederlands tintje werd of net andersom. Thuis zoek
ik de achtergrond van dat laatste nummer wel op, dacht ik. Maar
dat lukte niet.
De vraag toen maar naar de band Bamsar
gestuurd, deel van Ardea Alba. Dezelfde dag kwam er een
uitgebreid antwoord. Hieronder een groot deel van de (uit het
Engels naar het Nederlands vertaalde en wat bewerkte) tekst:
Het
stuk draagt de titel "Man Moridan" en is
opgedragen aan sjeik Abdul
Qadir Jilani. Hij was een van de beroemdste mystici en
soefi-geleerden. Hij werd geboren in Noord-Iran, in de regio ten
zuiden van de Kaspische Zee die in historische bronnen met Gilan
wordt geassocieerd. Op jonge leeftijd trok hij naar Bagdad, waar
hij zich bekwaamde in de religieuze wetenschappen, de islamitische
rechtsgeleerdheid en de Hadith. Later verwierf hij grote faam als
prediker, rechtsgeleerde en mysticus.
Hij legde bijzondere
nadruk op:
- oprechtheid en zuiverheid van intentie;
- vertrouwen
op God;
- de strijd tegen het ego en egoïsme;
- het helpen van
armen en behoeftigen;
- het vermijden van hypocrisie en
overmatige gehechtheid aan het wereldse leven; en
- het behouden
van de verbinding tussen de islamitische wet (sharia) en het
spirituele pad
In Balochistan
(waarde musici van Bamsar vandaan komen), zijn er Qadiri-derwisjen
die tijdens de Maled of Pirpatar-rituelen in kringen samenkomen.
Ter ere van hem voeren zij devotionele gezangen uit, begeleid door
de daf,
een traditionele frametrommel. De muziek die ze in
de Willem de Zwijgerkerk lieten horen, is eveneens een vorm van
deze devotionele, spirituele muziek. Vermeldenswaardig is ook dat
Abdul Qadir Jilani bekendstaat onder titels als Ghawth al-A’zam
("de Grootste Helper") en Muhyiddin ("Vernieuwer
van het Geloof").
Tot zover de tekst. Ballochistan
roept een herinnering bij me op met beeld en al, maar daaraan is nu wat moois en wat kennis toegevoegd. Door een concert
stapte ik even in een volgende werkelijkheid. Er waren er nogal wat deze zaterdagmiddag.
|
|