The Reluctant Fundamentalist door Mohsin Hamid valt meteen op door zijn vorm. Het boek is verfilmd, maar eigenlijk lees ik hier een toneelstuk; een éénakter grotendeels aan een tafeltje in de Pakistaans eet- en drinktentje en daarna een korte wandeling langs een brede stadsweg in Lahore.
De hoofdpersoon wil een man helpen die vermoedelijk uit de Verenigde Staten komt. Zo komen ze samen aan die tafel en vertelt de Pakistaan, die Changez heet, over zijn studie aan de universiteit van Princeton, zijn werk in New York bij het bedrijf Underwood Samson, zijn terugkeer naar Pakistan en over zijn liefde.
De vorm geeft de schrijver gelegenheid niet alleen een deel uit een leven te beschrijven, maar ook grote en kleine moeilijkheden in de relatie van de Westerling tot de Vreemde weer te geven. Als er een bedelaar voorbij komt dan vraagt Changez de Amerikaan of hij iets wil geven. “Nee? Heel verstandig, je moet bedelaars niet aanmoedigen en ja je hebt gelijk het is veel beter geld te doneren aan een goed doel dat de oorzaken van armoede aankaart dan aan hem, een schepsel dat slechts een symptoom is.” Er is angst bij de grote man uit de VS voor de man met baard die midden op straat stopt, maar ook die heeft zijn reden er te zijn. Zo is hij steeds opnieuw wantrouwig. Hij wordt ook steeds opnieuw op zijn gemak gesteld.
Veel alledaags racisme of neerbuigende visies komen zo langs. Er wordt een beeld geschilderd van een Pakistaan die veel in zijn mars heeft en weet waarover hij praat. Ook over de Verenigde Staten. Maar er is dus ook het verhaal over zijn leven, veranderd door de gebeurtenissen.
Hij studeerde summa cum laude af aan de gerenommeerde universiteit in de Verenigde Staten (net als de schrijver Hamid zelf). Het valt hem overigens op dat de gebouwen van Princeton een gotisch uiterlijk hebben, maar jonger zijn dan de moskeeën in Lahore.
Hij kwam bovendrijven bij de sollicitatie voor een functie waarmee zijn loopbaan – bij voldoende inzet – gegarandeerd zal zijn. Het bedrijf doet onderzoek naar bedrijfssituaties met oog voor het fundament daarvan, dat wil zeggen: de financiële positie. Efficiëntie gaat daarbij voor creativiteit. Het draait niet om de mensen die er werken, of de producten iets moois of goeds toevoegen, maar omzet, om winst en om groeimogelijkheden. Fundamentalisme inderdaad (op een ander vlak dan de gewone connotatie bij het woord), en doorgaans keurig volgens de regels, maar vaak vernielzuchtiger dan een fundamentalistische rel.
Na 9/11 is de
positie van Changez opeens veranderd. Hij wordt als Pakistaan
uitgescholden voor Arabier. Geweld tegen moslims wordt gewoon in de
Verenigde Staten. Op het vliegveld wordt hij eruit gepikt en wordt
bij de douane behandeld of hij niet in de VS woont en werkt, maar een
verdachte bezoeker is. Zijn geloof in de morele verhevenheid van de
Verenigde Staten krijgt sporen van sleet door hoe het land zich
ontwikkelt; niet vooruit, maar nostalgisch naar retro waarden, als
plicht en eer.* Hij laat zijn baard staan. Collega's kunnen dat niet
waarderen. De afstand wordt groot. Te groot?
In het huis van
Pablo Neruda in Valparaíso ziet hij een spiegel hangen. In een
restaurantje in de stad wordt hij gewezen op zijn positie bij het
Amerikaanse bedrijf als Janitsaar.
De Janitsaren waren keurtroepen gevormd door op de Balkan
buitgemaakte jongens in dienst van de Ottomanen. Volgens de roman
waren ze Christelijk, gewelddadig, en extreem loyaal: “ze
vochten om hun eigen beschaving weg te vagen,” zegt
een Chileense uitgever die vreest dat zijn uitgeverij zal sneuvelen
onder de financieel economische rationalisatie die zal volgen op de
doorlichting door een klein team van Underwood Samson.
In Pakistan loopt
juist dan de spanning op na een aanval op het Indiase parlement in 2001 en de VS springt niet in de bres, maar stookt het vuurtje
verder op. Changez neemt afstand van de 'focus op fundamenten', en de
Verenigde Staten vallen van hun voetstuk. Via New York gaat hij terug
naar zijn familie in Lahore. Daar komt hij de man in de bar
tegen.
Het verhaal zit vol metaforen. Zo stelt hij de man
uit de VS voor om na hun zit in de eettent en zijn lange monoloog,
maar met de handen gaan eten, ze kennen elkaar nu immers lang genoeg.
Vuile handen doen er niet meer toe.
De verhouding tussen
Changez en Erica is een verhaallijn die op zichzelf kan staan, maar
ook een enorme lading krijgt doordat ze is ingebed in het verhaal van
de man die afstand neemt van een voorspoedige toekomst in de
Verenigde Staten, omdat hij ziet dat waar hij in geloofde dood is.
Zij houdt van haar overleden vriend Christof en ze beleeft dit als een
volwaardige relatie. Er is geen plaats voor Changez; hoe vriendelijk,
inlevend en bescheiden hij zich ook opstelt. De dode vriend staat een
relatie tussen beide in de weg. Ze sluit hem uit van haar leven
waaruit het leven al is verdwenen en, zo meent ze, dat is in zijn eigen
belang. Hij kan die keuze om het leven weer in te gaan wel maken, zij niet. Het
loopt af met een open einde over haar lot, al weet de lezer – net
als Changez – eigenlijk wel beter. Een open einde zit ook aan het
verhaal van Changez en zijn gast uit de Verenigde Staten, maar ook
daar moeten we vrezen voor het ergste. Changez wordt …, dat ligt
voorbij het boek. Nog verder over de horizon ligt de toekomst van het retro-land.
Fundamentalisme krijgt een andere betekenis
in de roman. Het is het geloof in de waarheid van de markt en de het
daaraan opofferen van mens en waardevolle productie. Hamid heeft zelf
ook in de financiële sector gewerkt, als management consultant bij
McKinsey & Company. Hij vond bedrijfsrecht saai en werd
schrijver.** Dit knap, interessant en spannend vertelde verhaal is
zijn tweede boek. Er zouden er tot nu nog drie volgen.
Noten:
*
Het is een zelfde thema als in het
verhaal van Fouad Laroui, De dag dat Saddam. Ook hier komen
barsten. Dit keer in het geloof van een Rotterdamse IT-specialist als
tot hem doordringt hoe het Westen met mensen als hij omspringt.
**
Onderweg kreeg
hij les van Toni Morisson en Joyce
Carol Oates



Geen opmerkingen:
Een reactie posten