Posts tonen met het label 2024. Alle posts tonen
Posts tonen met het label 2024. Alle posts tonen

maandag 19 mei 2025

Nuclear Flashpoint; the war over Kashmir


Nuclear flashpoint; the war over Kashmir (Pluto Press, 2024) is geschreven door Farhan M. Chak. Het beschrijft het gebied waar drie atoommachten elkaar treffen. In de realiteit ligt er net weer een militaire confrontatie tussen India en Pakistan achter ons. Weer is het niet catastrofaal uit de hand gelopen, net als in eerdere oorlogen en confrontaties van India met Pakistan en China, maar een oplossing voor Kasjmir is niet in zicht.
     Auteur Chak stelt dringend dat het tijd wordt dat de wereld de zaak serieus neemt en alle partijen – Pakistan, China, Kasjmir en India – aan de onderhandelingstafel dwingt.
“Maar de aanzet tot een oplossing is nergens te zien,” zo constateert de schrijver. En zodoende is het alternatief zeer waarschijnlijk een oorlog die niet alleen de regio raakt, maar de hele wereld. Een oplossing is in het belang van Kasjmir, of Zuid-Azië in het algemeen, maar ook van de hele wereld.

Zijn boodschap komt over, getuige de aanbeveling op de achterflap:
“Herhaalde botsingen tussen India, Pakistan en China over Kasjmir dreigen uit te monden in een onopgelost conflict. Deze geschillen moeten worden opgelost, en daarvoor is inzicht nodig in hun oorsprong, de bevolking van Kasjmir en hun strijd. Dit boek biedt essentiële inzichten.”
Prof. Brian Toon, University of Colorado.

Schrijver
Farhan Chak is verbonden aan het centrum voor de studie naar verhoudingen tussen christenen en moslims (ACMCU) van de George Town Universiteit in Washington D.C. Hij levert informatie aan verschillende media,* hij schreef ook het boek: 'Islam and Pakistan's Political Culture' (Routledge, 2015) en hij is voorzitter van de in Canada gevestigde maatschappelijke organisatie Kashmir Civitas.
     In
Nuclear Flashpoint komt een paar keer de geschiedenis van Chaks eigen familie in de geschiedenis van Kashmir aan de orde. Van vaders kant stamt hij af van de laatste inheemse vorst van Kasjmir, Yusuf Shah Chak (1545-1592). Zijn opa en oma van moeders kant kozen ervoor te vertrekken naar Pakistan. Een deel van zijn familie is vermoord tijdens de zo genoemde Jammu genocide van 1947, waarbij 237.000 mensen werden afgeslacht. The Times uit Londen stelde op 10 augustus 1948: “het uitroeien van twee derde van de moslims afgelopen herfst heeft de samenstelling van de oostelijke Jammu provincie volledig veranderd.” Farhan Chak meent dat deze geschiedenis tussen de regels van de geschiedenis boekjes is door geglipt, terwijl het een op bestuurlijk niveau georganiseerde misdaad was. Het is geen wonder dat de kwaadheid hier en daar van de pagina's spat en die richt zich vooral op de nationalistische Hindoe identiteit die Kasjmir in een hoek drukt waar het overgrote deel van de Kasjmirse bevolking niet heen lijkt te willen.
Kasjmir

Het betwiste grondgebied van Jammu en
Kasjmir:verdeeld tussen Pakistan (groen),
India (blauw) en China (geel).
wiki


Van Palestina weten we hoe vernederend de checkpoint zijn waar Israëlische militairen de Palestijnse bevolking controleren, maar minder bekent is dat er in Kasjmir duizenden checkpoints zijn en bijna een miljoen Indiase militairen een – wat velen zien als – bezettingsmacht vormen? Kasjmir wordt door de auteur beschreven als een etnisch divers voormalig prinsdom dat bestaat uit vijf gebieden, waarvan er twee in gebied liggen dat door Pakistan wordt geclaimd (Azad Kasmir en Gilit-Baltistan, beide volledig door moslims bewoont) en drie in door India geclaimd gebieden (de Kasjmir vallei, Jammu en Ladakh). Dan is er ook Aksai Sin dat onder Chinees gezag staat, maar dat India wil inlijven. Voor de situatie in de delen die onder Pakistaans en Chinees bestuur vallen, is in Nuclear Flashpoint nauwelijks oog. De auteur richt zich op het door India bezette deel van Kasjmir. Het vraagstuk van Kasjmir is politiek, en anti-koloniaal, gaat over mensenrechten, en zelfbeschikking, stelt hij, en voegt toe dat het geen religieuze oorlog is.

Opdeling

Taal is niet abstract, maar tastbaar, waarneembaar en concreet – met name in haar impact. Haar invloed leidt tot de constructie van discoursen, het kaderen van verhalen en het vormen van geesten. Woorden zijn immers een vorm van eigendom, die gewortelde, onuitgesproken ideeën en concepten bevatten. (…) taal en de bijbehorende kaders helpen ons een belangrijk moment in de geschiedschrijving van het Britse Rijk te begrijpen: de 'verdeling van 1947', die leidde tot de opkomst van twee nieuwe natiestaten: Pakistan en India.”

Het is een van de momenten in de geschiedenis die door Chak worden ontrafeld en van een historische context en een visie vanuit Kasjmir worden voorzien. India noemt het de afscheiding van Pakistan van India, alsof de grenzen van het Britse rijk ook de grenzen van de India zouden zijn, en niet een splitsing van het Britse rijk. Die visie heeft betekenis in in het Indiase politieke vertoog en leidt ertoe dat gesteld wordt dat India niet nog meer grondgebied wil kwijtraken en dus Kasjmir wil inlijven. Chak beschrijft hoe met name de het Hindoe nationalisme hiervoor een breed scala aan middelen inzet en de geschiedenis daarbij naar de eigen wens vervormt. Het afschaffen van de speciale status van Kasjmir in 2019 (art. 370 en 35A van de Indiase grondwet) zijn in die Indiase overheersing een belangrijke stap geweest.

Grondwet

Die grondwetswijziging door India gaat in tegen de afspraken die zijn gemaakt tussen de betrokken partijen, zo beschrijft de auteur uitgebreid. Het unilateraal afschaffen van de status van Kasjmir werd meteen al gezien als opmaat voor meer conflict en niet als stap naar een oplossing. Dat India in deze context van de unilaterale stappen, ook de Chinese gebieden claimt doet daar nog een schep bovenop. Chak legt het helder uit met de verdragstekst erbij en met een beschrijving van de verschillende posities.

Haasje over

De schrijver constateert vooral de positie van India in de spanningen rond de grenzen en dat die gevaarlijke koers vooral voortkomt uit een in India wijdverbreid idee “dat India obsessief vasthoud aan een Voorwaartse Politiek in de afgelopen decennia, zelf met het gevaar van militaire confrontatie met China,” waarbij het onderhandelingen afhoudt. Anderen wijzen dan weer op de Chinesepolitiek. Maar uiteindelijk gaat het niet om de afzonderlijke schermutselingen, maar om een oplossing voor de grensproblemen en daarvoor moet naar een onderhandelingstafel worden gestapt.
     Ook Indiase deskundigen zien de noodzaak van een oplossing. Amrita Jash
stelde dat misverstanden rond grenspolitiek het wantrouwen tussen beide landen vergroten met ernstige negatieve consequenties voor de relaties tussen de beide kernmachten. Auteurs Pravin Sawhney en Ghazala Wahab schrijven over de grenzen tussen India en Pakistan (Line of Control, LC) en die tussen China en India (Line of Actual Control, LAC):

“Grensconflicten rond de LC zijn op te lossen als er een oplossing voor Kashmir zou zijn. De grensconflicten met China zijn dat niet, maar ook dat onderkennen zou al een wenselijke stap zijn.”

Het is dan ook van het grootste belang is dat er voor de kwestie Kasjmir een permanente oplossing wordt uitgewerkt. Sawhney en Wahab voegen toe dat een oplossing niet zal werken als

“de politie check punten in wijken opzet, lokale mensen mishandelt en ze allen als terroristen behandeld. Een oplossing van het conflict maakt troepen vrij voor samenwerking en ontwikkeling in de hele regio. Bovendien opent het ruimte voor besprekingen bijvoorbeeld rond de grensgeschillen met China, de 3488 km lange LAC.”
Beiden landen worden onmiskenbaar steeds assertiever. India heeft zijn onafhankelijkheid laten varen en wil steeds dichter bij de militaire inspanningen van de Verenigde Staten staan. Chak noemt ook deze dynamiek. Beijing reageert daar dan weer op.

Alternatieve identiteiten

De potentiële nucleaire brandhaard wordt verbonden met de grensconflicten tussen China en India en het onopgeloste conflict tussen Pakistan en India rond Kasjmir, maar het boek gaat toch vooral over het recht op zelfbeschikking van de Kasjmiri, het recht op een onafhankelijke volksraadpleging waarvan al sinds de jaren veertig sprake is (en die er maar niet komt) en hoe India, zeker nadat Modi in 2014 aan de macht is gekomen, zijn wil oplegt met slinkse methoden. Een groot deel van het boek gaat over hoe de Hindoe-ideologie de Kasjmirse cultuur, geschiedenis, demografische samenstelling en samenleving verzwakt en ontkent door de geschiedenis te verdraaien, gemengde huwelijken te voorkomen, migratie van Indiase hindoes te bevorderen, het politiek bestuur uit handen van moslims te houden, en over de militaire repressie en de wetten die daarbij worden ingezet (in de afgelopen dertig jaar kwamen 93.000 mensen om). Chak constateert dat India niet in staat is om alternatieve identiteiten te accepteren. Hij stelt dat een dergelijke visie niet alleen de lopende kwestie rond zelfbeschikking voor Kasjmir in de weg staat, maar ook toenadering tussen India en Pakistan, en Kasjmir, ondenkbaar maakt. Dit betekent meer kans op toekomstige oorlogen.

Boosheid

Grotendeels vertelt de auteur rustig en stap voor stap over visies en ontwikkeling, maar soms spat zijn boosheid van de pagina's. Die emotie is dan wel begrijpelijk, maar doet de overtuigingskracht geen goed. Chak neemt toch al een duidelijke, maar niet overal gangbare mening in vanuit een Kasjmirse positie. Door zijn kwaadheid een woordje mee te laten spreken, maakt hij het moeilijker zijn woorden te wegen. Maar hij heeft gelijk: op de achtergrond dreigt inderdaad een groot gevaar, dat na bijna tachtig jaar wel eens opgelost mag worden. Hij komt daarbij met een focus die meer licht werpt op Kasjmir in dat krachtenveld dan de gebruikelijke woordenwisselingen tussen Pakistan en India doen als de situatie weer eens ontploft is. Momenteel is het schieten afgelopen, maar een volgend gewapend conflict hangt in de lucht. Moet India niet naar het besteden van 5% van het Bruto Binnenlands Product aan de krijgsmacht (waar kenden we dit cijfer al van?) is een van de vragen die gesteld worden.Verder snoeven India en Pakistan dat ze de beste wapens hebben ook al een uiting van de oorlogszucht. 

Noot:
* Dat betrof persorganenen zoals
Al Jazeera, een aantal Turkse producties en het onafhankelijke Middle East Eye.

maandag 9 december 2024

Niemandsland



Niemandsland, van de Zaanse band De Kift, is een muziekalbum, kunstwerk en dichtbundel in een. De van ansichtkaarten geknutselde hoes (voor elk exemplaar anders), bevat twee vouwfolders. Een doet dienst als binnenhoes en colofon, maar bevat ook vijf gedichten en evenveel tekeningen van Wim ter Weele. Hij is naast kunstenaar ook de drummer van de band.

Het titelgedicht is van de zanger, koperblazer en gitarist, Ferry Heijne. Het is geïnspireerd op
Thirteen van Johnny Cash. Maar het is wel met een heel vrije geest herdicht. De sfeer gaat van het Noord-Amerikaanse platteland bij Cash naar de klaagkras van een kraai die Heijne opvoert.
     De eerste woorden op het album komen van deze zwarte vogel:
“Het is een lange lijst ellende waarover ik vertel.” Naast de tekst zit die kraai op de achterkanten van een aantal getekende ansichtkaarten.



Verrassend is het een gedicht van
Marion Bloem tegen te komen. Haar gedicht Kalverliefde in liefde is soms lastig, liefste uit 2011 is het begin van een pagina waar ook August Strindberg (Inferno) en Bonumil Hrabal (De toverfluit) een strofe krijgen. Samen vormen ze het gedicht Dageraad.

Ik veeg de straten
aan met tranen
't zand uit mijn ogen
ligt in zee
ze zeggen dat
ik heb verloren
maar het zat alleen
wat tegen
nu zit het
alweer mee

De regels zijn gecentreerd afgedrukt. Mooi is dat niet en of het zo bedoeld is door Bloem of door de ontwerpers van de verpakking bedacht, weet ik niet, maar het doet zo aan als de lijst gerechten op een menukaart. Ach er moet iets te klagen zijn. De tekening ernaast is sprookjesachtig en dat sluit dan weer naadloos aan op de teksten.

Ook in
Kompanen worden teksten van verschillende schrijvers samengevoegd. Roberto Arlt, Herta Müller, M.I. Tsvetajeva en Armando leveren ieder in een eigen kleur een tekst. Müller vraagt zich af of de wereld geen genoeg krijgt van ons. Dit mocht je denken dat het andersom was: jij genoeg van haar. Kwestie van de juiste verhoudingen zien.

Door naar Alec Kopyt van de Amsterdam Klezmer band. Hij schreef:
Omhels me zacht, de nacht is goed/Ik vergeet je niet. Daarnaast een getekende Adam en Eva en de boom met een rode appel.



Mooi heet het volgende gedicht eenvoudigweg. Het is samengesteld uit twee delen. Eén van
Werner Schwab en het ander uit de Edda, vertaald uit het IJslands door Marcel Otten. “Mooi is het hier, mooi...” is de terugkerende regel. De boom die er ernaast geschilderd is, staat volop in waterige en toch helle kleuren achter het net van een doel, samen een klein landschap. 

Vogels, vlinders, bomen ze maken de wereld, wereld,/nee liever niet creperen, om de woorden uit een ander energiek gezongen lied te gebruiken. Samen volop zingen over ribbelend zand. Mooi, inderdaad.




De volgende acht gedichten staan in de andere folder, weer met evenveel tekeningen. In Trompetboom valt meteen al de regel op “Mooi... is het hier”. Hier komt hij een tikkie anders op de pagina dan eerder. Hij is nu van Sylvia Plath uit Zie, de duisternis lekt uit de scheuren.
    Ook in de trompetboom wordt een nieuw gedicht geknutseld met verschillende stemmen. Ook die van
Roberto Juarroz, Armando en André Breton. De eerste schreef:

Nooit tekent zij een deur, nooit.
Zij wil niet naar binnen en niet naar buiten.


Dan zijn er nog Pablo Neruda en Boris Vian die de aarde niet kwijt willen. De Witte Vlinder die kenden we al; die werd eerder op een single bezongen. Wel zocht ik er het verkeerde gedicht van
Iosif Brodski bij. Het was dit in 1987 door Charles B. Timmer naar het Nederlands vertaalde gedicht en hier opgenomen als Witte Vlinder.


Speel me een wals zolang er nog tijd is
Een wals die de tijd overbrugt
Speel me een wals voor de dag die voorbij is
Een wals voor de meeuw in de lucht

Speel me een wals voor de tijd die gaat komen
Voor het vuur dat nooit wordt gedoofd
Speel me een wals voor breekbare dromen
Voor de dromen waarin niemand gelooft

Tussen de twee strofen in stond 'n zestal regels van Maria Tänase over het blijvende van de wereld. De twee bovenstaande coupletten zijn van Nico van Apeldoorn. De persoon aan wie ik ze voorlas stuurde meteen andere woorden van deze dichter naar mijn mobiel: Wij zijn de kinderen van hoop /.../Wij zijn het die verloren slagen strijden/Wij zijn het die zullen vechten tot de wereld vergaat en nog wat regels. Ze kende ze uit haar hoofd. Op de tekening van Wim van der Weele danst ernaast een traditioneel deftig gekleed koppel onderwater in een fles met kroonkurk een wals.

Hoe kan het ook anders. Het dertiende gedicht heet
Ansicht. Het begint met

Ik had me willen voelen
als de keien die jij om en om keert,
aangevreten door het zout,
een scherf buiten de tijd
Het zijn woorden van
Eugenio Montale uit het gedicht Middellandse Zee. Ze worden gevolgd door een tekst van Pablo Neruda (uit: Er is geen vergeten). Door het gebruik van verschillende kleuren tekst zie je direct wie voor welk deel van het samengesteld lied stond. Neruda's deel begint opgewekt met viooltjes en zwaluwen om te eindigen met zoveel dingen die ik vergeten wil.
     Een paar gedichten heb ik niet genoemd (
Lied Van Mijn gramschap, Volgens en het ook al eerder dit jaar als singel verschenen Rode Maan). Zo mistte ik ook wat dichters (Henri Michaux, Cormac McCarthy, en Carl Sandburg).

Al met al bevat Niemandsland een wonderlijke collectie waaruit het droeve, maar toch ook het dansen zonder tranen opwelt. Je moet immers wel.

En als je 'de verpakking' uit hebt, dan kan je gaan luisteren naar de muziek en (samen)zang. De Kift wordt vaak geïntroduceerd als melancholische fanfare punkband, maar het woordje literaire zou daar nog voor kunnen staan om het gezelschap dat woont en oefent tussen de geuren van de cacao nog ongrijpbaarder te maken. De verpakking, het album, de teksten, ze ademen anders dan anderen, elusief, zou je met een woord dat om een gedicht vraagt, kunnen schrijven en het is zeker nóg meer dan muziek alleen.

donderdag 21 maart 2024

Gezinsverpakking



Het boekenweekgeschenk Gezinsverpakking, dat is geschreven door de Chabotten is gezellig, zo zegt de verkoopster van de boekhandel waar ik het kado krijg. Of ze dit als een aanbeveling bedoelt, weet ik niet. Het zou goed kunnen van niet.

Het is lang geleden dat ik Bart Chabot op televisie zag. Druk bewegend en snel sprekend. Zijn vrouw Yolande schrijft over hem tijdens een optreden. Hij “spuugde de eerste rijen onder. En wat ik verstond, begreep ik niet”. Wat in dit geschenk vooral opvalt is dat hij zijn kinderen bijbrengt anders te kijken. In het blauw van de lucht zien ze blauwe plekken; en de golven van de licht slapende zee zijn de ademhaling van de dood, zo noteert Bart zelf. De wereld kan mooier zijn als je hem met fantasie en verbeelding bekijkt
(en soms ook niet). De dichter dicht niet, hij opent, zo laat zoon Sebastiaan zijn vader zeggen.

In het eerste, een halve pagina grote hoofdstuk, door debuterend schrijfster Yolanda Chabot, staan de zinnen:
“Als je ouder wordt, verandert alles. Niets blijft.” Ze sluiten aan op het eerste langere hoofdstuk van de hond Bril*, geschreven door zoon Splinter, waarin het verlies van lichamelijke en zintuiglijke capaciteiten centraal staat. De
Omslag illustraties: Marlene Dumas.

hond neemt de gezinsleden in zich zelf op om ze nog te kunnen zien als zijn zicht verdwenen zal zijn. Hij voelt dat hij het verliest van de tijd en dat hij in stukjes uiteen valt.

De aftakeling ligt als een deel van het leven over deze genoeglijke gezinsverpakking, van begin tot eind. Bart Chabot zegt tegen zijn zoon, als die hem vraagt mee te komen:
“Wacht even, jong. Ik ben niet zo snel meer.” Storm stapt dan terug in zijn eigen leven, dat hij vergelijkt met dat van zijn ouders vroeger, en ziet dan in dezelfde denkbeweging ook zijn eigen leven later, als hij zo oud is als zij nu.

Het is ook een boek dat je in een spookkasteel in Frankrijk brengt. Of op vakantie naar Zweden in een blokhut aan een meer (zowel zoon Maurits als Storm schrijven erover) waar de malle familie verblijft. Je belandt op de begraafplaats
Oud Eik en Duinen in de Den Haag, waar Louis Couperus in een potje verblijft. Bezoeken aan dode schrijvers op buitenlandse begraafplaatsen zijn iets van vroeger. Nu is er nog een zakdoek van Remco Campert in huis, voor één traan, staat erop en een kapot gevallen mobieltje van Martin Bril (waar de hond inderdaad naar is genoemd). Kees van Kooten wist in zijn geschenk (link nog dood) nog meer dode schrijvers in leven te houden, maar ook hier blijven ze in woorden leven. Uit datzelfde Haagse huis wordt wel Sinterklaas rustig – met het oog op de kinderen – de deur uitgewerkt, omdat hij en zijn Piet journalisten in vermomming zijn met een camera in een tas. Van het uitzenden van de gemaakte opnamen komt het door een aangespannen rechtszaak nooit.

Bij de Chabotten werd gegeten van de tafeltennistafel, gaan deuren niet open door ervoor staande meubels of in de weg liggende stapels boeken. Maar daarmee hebben we de grootste opgevoerde uitspattingen wel gehad. Het gezamenlijke werk past uitstekend binnen het thema van de boekenweek. Dat luidt: 'Bij ons in de familie'. Ze zijn een beetje apart, maar niet te. Het is niet meer een privéhel dan een warm bad, zoals aangetroffen wordt in
de boeken die Ellen Deckwitz vindt over de familie.

Je kan zo'n nare situatie waarderen, omdat we dan
“weten dat het altijd nog erger kan (…) waardoor de onze weer helemaal meevalt,” zo zegt de man waar Deckwitz haar stapeltje boeken heen brengt. Gezinsverpakking gaat over een gezin met zo nu en dan wat sjagrijn en wat afstand, maar vooral over een gemoedelijk en bij elkaar (inclusief de hond) betrokken verband, waar de moeder een volle baan als arts heeft en de rock-'n-roll langzaamaan uit de vader verdwijnt.

De ruzies tussen de zonen worden met briefjes op papier beslecht. Yolande geeft hen de opdracht te beschrijven waarom het misliep en wat hun rol in de onenigheid was. Met 'hij deed' neemt ze geen genoegen. 'Wat deed jij', is de leidende vraag. Geen wonder dat drie van de vier zonen schrijver zijn geworden. Het kan ook mooi zijn, in lichte tinten, met enig grijs en nauwelijks zwart over het familieleven schrijven. Niet alleen omdat het niet te zwaar en wel onderhoudend is, maar ook omdat we dan weten dat er altijd nog iets mooier kan, ook als het bijna goed is.

Op de achterkant staat een tekening van de de auteurs, de Chabotten, samengebracht tot een hoofd, alleen de hond ontbreekt, maar zijn hoofdstuk is dan ook, ja inderdaad in mooi roze en dat is niet verkeerd, met liefde geschreven door 'n zoon. In het boek zelf worden de grote mannen van het gezin kort neergezet door de uitspraak van een vriend die ze tegen kwam tijdens een optreden:
“Allemachtig hier loopt tien meter Chabot”.

Het was inderdaad een gezellig boek, maar belangrijker, ook een pleidooi voor een verwonderde en enthousiaste gang door het leven. Zo'n aansporing lijkt luchtig, maar is niet altijd een lege huls.

Noot:
* Al eerder speelde een hond een belangrijke rol in een boekenweekgeschenk. In Een schot in de lucht, door Anton Koolhaas uit 1962. Dat hele verhaal draait om de mislukte jachthond Dian.